Objectiviteit & Leon de Winter
Wim Duzijn

In het verleden heb ik me een tijd lang bezig gehouden met het niet al te frisse, want vals-moralistische, gedrag van Leon de Winter. Het draaide allemaal om het woordje 'antisemitisme', een woord dat door zowel links als rechts op de voorhoofden van hun respectievelijke tegenstanders werden geplakt. Onuitgesproken uitgangspunt daarbij was dat 'de joden' (en diegenen die met hen sympathiseren) absoluut goed zijn, en al diegenen die hun goedheid in twijfel trekken 'absoluut slecht'. Simplistisch moralisme dus, dat op helemaal niets is gebaseerd, tenzij je aanneemt dat slachtofferschap mensen goed maakt, een stelling die ver bezijden de waarheid is, zoals criminele slachtoffers van bende-oorlogen je haarfijn uit kunnen leggen...

Objectiviteit: definities

Zich bepalend tot de feiten, niet beïnvloed door eigen gevoel of door vooroordelen.
Objectiviteit betekent dat een boodschap exact volgens de feiten wordt doorgegeven, zonder dat er een subjectief-morele boodschap aan is toegevoegd.
Een beschrijving van feiten en meningen die in overeenstemming is met de werkelijkheid, ook als die werkelijkheid als 'slecht' wordt ervaren.
Kiezen voor neutraliteit of onpartijdigheid. Weigeren partijstandpunten uit te dragen.

Ware kennis zal pas dan kunnen ontstaan,
wanneer er een eerlijk mens opstaat
Chuang Tze

Journalistiek & Moraal
Brief van 4 juni 1994 aan de redactie van het ALGEMEEN DAGBLAD

Good journalism requires integrity, fairness and courage. Brian Del Carmen, 05/21/2015

"Journalisten", zo las ik gisteren in het AD, "moeten streven naar een zo helder en objectief mogelijke weergave van de werkelijkheid."
Leuke gedachte natuurlijk... Maar daar is dan ook alles mee gezegd, want aan leuke gedachten alleen heb je helemaal niks.
Tussen streven en doen gaapt in het rijk van simplistische moralisten altijd een diepe kloof en voordat je kunt spreken over objectiviteit zul je eerst moeten weten wat dat begrip nu precies inhoudt.
Weten waar je mee bezig bent, dat klinkt zo simpel, maar de meeste mensen wandelen blind en doelloos door een wereld waarvan ze niets begrijpen. Ze streven altijd naar 'het goede', zolang het maar goed klinkt in de oren van een onwetende ander.., en ze zijn in staat om de idiootste zaken mooie etiketten mee te geven, omdat de gemiddelde mens nu eenmaal kan liegen alsof het gedrukt staat...; een uitdrukking die hier (in een brief aan een Nederlands dagblad) uitstekend op zijn plaats is...

Moralistische omschrijvingen zeggen mij daarom niets.
Je bent objectief, stel ik, wanneer je je niet laat intimideren en terroriseren door onredelijke mensen, niet door onredelijke 'slechte' mensen en niet door onredelijke 'goede' mensen.
Daarom zegt het begrip 'Holocaust', waar je momenteel (zowel door 'links' als door 'rechts') mee om de oren geslagen wordt, mij ook helemaal niets. Wanneer mensen me met dat begrip confronteren dan word ik er koud noch warm van. Het is een moreel argument geworden, een catechismusachtige regel in een quasi-religieus opdrachtenboekje, die het koele, intellectuele argument dient te vervangen en daarom is het voor mij een gevaarlijk begrip, omdat het in staat is de objectiviteit te vernietigen.
Objectief zijn betekent 'streng' kunnen zijn. Niet de catechismus op tafel leggen, maar een boekje over logica.
Onredelijke mensen zijn de vijanden van de logisch denkende mens. Daarom voelen ze zich altijd gekwetst. Ze hebben geen argumenten, nee, ze leggen hun woede, hun agressie en hun wraakzucht op tafel (altijd verpakt in de een of andere catechismus!) en ze denken dat ze daarmee het pleit gewonnen hebben.
Binnen de wereld van 'de morele sterke man', de wereld van de politieke tiran, de religieuze messias en de botte, liberale ondernemer gaat die wet inderdaad op. Daar wint de onredelijkheid het van het gezonde verstand.
Daarom kies ik voor een andere wereld - een wereld waarin de 'morele sterke man' - de man die het tegendeel van 'de vrouw' wil zijn - niet op de grote 'goddelijke' troon zit.
Die wereld van mij is een wereld waarin 'god' zowel mannelijk als vrouwelijk is. Daarom is mijn wereld het tegendeel van de traditioneel-Joodse wereld, omdat het orthodoxe (patriarchale) Jodendom een religie is die nooit iets anders is geweest dan vrouwenhaat.

Al in de tijd van Christus, toen het feminisme binnen de Romeinse en Egyptische cultuur hoogtij vierde, waren de anti-Hellenistische joden de grote spelbrekers. Vrouwen waren binnen de streng-joodse gemeenschappen uitgesloten van actieve deelname aan de openbare eredienst, het onderwijs en het sociale en politieke leven.
In het gnostisch wijsheidsgeschrift Pistis Sophia wordt verslag gedaan van een discussie tussen Maria Magdalena en Jezus.
"Petrus", merkt Maria op, "maakt mij onzeker, omdat hij het geslacht der vrouwen haat."
Het antwoord van Jezus is heel duidelijk. Mannen en vrouwen zijn binnen een wereld die door 'de Geest' wordt geïnspireerd gelijk.

Vrouwen hebben binnen een patriarchaal-orthodoxe wereld niets te vertellen.
In een Duits televisieprogramma dat handelde over de christelijk-Russische gemeenschap in Israël schetsten vrouwen een vernietigend beeld van het 'moderne' Israël.
"Een door en door verideologiseerde samenleving, waarin vrouwen niets meer zijn dan sloofjes en hoeren...",hoor ik iemand opmerken...
In hoeverre dat oordeel objectief is weet ik niet. Een feit is dat leden van de Israelische orthodoxie - en dan met name de aan ras en natie ('Blut und Boden') gebonden extremisten onder hen - alles wat niet-joods is op een uiterst onheuse wijze behandelen.
Iedereen die gezien wordt als een gevaar voor de eigen, vergoddelijkte en tot absolute waarheid uitgeroepen ideologie wordt gehaat, getreiterd en weggepest.
Niet-religieuze intellectuelen die zich weigeren los te maken van hun joods-religieuze achtergrond sluiten hun ogen voor die werkelijkheid. Ze buigen voor de terreur van de onredelijken, die geen argumenten, maar geestelijke terreurdaden als wapen hanteren.

Mijn moeder deed dat vroeger ook als ze haar zin wilde doordrijven. Dan kon ze echt hysterisch reageren. Dan dreigde ze met flauwvallen, of ziekte, of dan ging ze op een hysterische wijze huilen: "Kijk eens wat jij me allemaal aandoet..."
Maar ik deed haar helemaal niks aan. Ik wilde gewoon mijn eigen leven leiden. Zij was de morele terrorist die mij op een hysterische wijze mijn geestelijke vrijheid af wilde pakken. Het was niet mijn schuld dat haar leven op leugens was gebaseerd...


Willem Oltmans & de angst voor de waarheid

Een man die het principe van 'journalistieke objectiviteit' serieus probeerde te nemen was Willem Oltmans, een journalist die jarenlang het zwarte schaap was binnen een moralistische gemeenschap die opportunisme boven waarheidliefde plaatste.

"Het niet voor je werkelijke mening durven opkomen is doorgaans het directe gevolg van angst om op die mening te worden afgerekend.
In mijn geval bestond de afrekening uit een 46 jaar lang geldige ‘rode kaart’ van Den Haag, alleen maar omdat ik anders dacht (en schreef) over het dekolonisatieproces in Indonesië.
De meeste mensen zullen geneigd zijn vast te houden aan bewezen onwaarheid of historische onjuistheid. Liever dat, dan ongunstige reacties vanuit de samenleving riskeren. Gebrek aan moed, onoprechtheid en hypocrisie zijn nauw met deze attitude verbonden."


Wim Duzijn: Anarcho-liberale verhandelingen


Objectiviteit en Leon de Winter


LdW: "Er bestaat voor mij niets anders dat ook dàt gewicht heeft, dàt belang"

En man die zelden over objectiviteit nadenkt is Leon de Winter.
Leon de Winter is een niet-religieuze schrijver die zich de laatste tijd heeft ontpopt als 'moralist', een niet objectieve bezigheid die van hem eist dat hij zijn individualiteit ondergeschikt maakt aan het lot van een ideologisch-religieuze groep - 'het Jodendom' in zijn geval.
Wat dat is 'jodendom', en waarom hij daar als niet-religieus mens lid van is (of wil zijn, want de scheiding tussen waarheid en fictie is erg dun in ideologenland) , dat vertelt hij ons nooit.
Dat is ook niet belangrijk. Het gaat in moralistenland zelden over waarheid en vrijwel altijd over fictie. De groep van Leon moet je daarom zien als een geïdealiseerd geheel van mensen die zichzelf zien als 'bijzondere, moreel hoogstaande buitenstaanders' waar zij dat in deze moderne tijd - waar de massamedia ons duidelijk maken dat de wereld vol zit met buitenissige religieuze groeperingen - volstrekt niet meer zijn.
Het zal duidelijk zijn dat een dergelijke onderwerping aan een fantasiebeeld het streven naar geestelijke groei danig in de weg zit.
Waar geestelijke groei het losmaken van de mens uit de massa nastreeft, daar probeert de in een web van ficties gevangen massamens een groepsmoraal te verkondigen, die de ontkenning is van geestelijke groei.

Massamens word je wanneer je kiest voor een niet-redelijke religie of ideologie, die van je eist dat je de werkelijkheid een door de groep bepaalde kleur mee geeft. In dat geval verdwijnt het zelfstandige intellectuele oordeel en gaat de groep bepalen wat goed en wat slecht is, zodat jij als individu verplicht bent het algemene oordeel te onderschrijven en naar buiten toe uit te dragen.
Doe je dat niet, zeg je op theatrale wijze: "IK ben (besta) omdat IK denk", dan zal de groep zich van je afwenden, hetgeen - wanneer je geestelijk zwak in je schoenen staat - tot een toestand van ontreddering en isolement zal leiden.
Ideologen weten dat. Ze weten dat het isoleren en buiten sluiten van mensen het sterkste wapen is dat ze bezitten, omdat het isolement de weg vrijmaakt voor moreel-sadistische afwentelingsprocessen..; en daar maken ze vaak op een verschrikkelijke manier misbruik van.
Het onderstaande citaat, waarin Leon de Winter ons duidelijk maakt dat hij gekozen heeft voor ideologisch groepsdenken, is afkomstig uit een interview dat ik aantrof op het zeer democratische, niet aan groepen gebonden, world wide web

"Sinds Bastille acht Leon de Winter het ondenkbaar dat hij ooit nog boeken zal schrijven die niet over de joodse problematiek gaan.
‘Ik voelde vanaf dat moment dat ik niet meer terugkon. Ik moet dit gegeven verder uitdiepen en ook andere verhalen die met deze thematiek samenhangen.
Er bestaat voor mij niets anders dat ook dàt gewicht heeft, dàt belang.
En via dat curieuze fenomeen dat de staat Israël toch wel is, blijft het onderwerp altijd actueel.’ Hij zegt dat er zelden een dag is dat hij niet aan de oorlog denkt."

Zoals ik hierboven al zei: Vals-moralistische kletspraat zegt mij niets. De dagen waarop ik aan 'de oorlog' denk (ook al zoiets onredelijk, 'de oorlog', alsof er maar een oorlog is geweest die belangrijk is..) zijn op de vingers van een hand te tellen. Gewoon, omdat ik (net als Leon de Winter) die oorlog niet zelf heb meegemaakt.
Ik denk ook zelden na over Roomse problematiek, hoewel ik toch gedoopt ben, eerste communie heb gedaan en heel veel Onze Vaders en Weesgegroetjes heb gebeden, nadat ik in een donker hokje, geknield voor een klein getralied venster, mijn kleine, onbenullige zonden had opgebiecht...
Ik hoor het mezelf al zeggen: "Lieve mensen, ik ga van nu af aan alleen nog maar boeken schrijven die over de Roomse problematiek gaan..."
Absurd natuurlijk. Echt iets voor een cabaretprogramma, waarbij je verkleed als een soort Frater Venantius de menigte tot lachen dwingt...
Roomse problematiek. Mijn hemel, wat kun je daar als onafhankelijk denker in godsnaam over zeggen?
Is dat Hans Janmaat die ooit vertelde dat hij als Roomse puber in het wijwaterwat urineerde, om vervolgens gnuivend toe te kijken hoe vrome mensen met zijn kwajongenspies aan hun handen een kruisteken maakten..?
Of moet je denken aan zich progressief noemende mensen die alle symbolen de kerk uitslaan, zodat een kwajongen helemaal geen kwajongen meer kan zijn?
Vervelende vragen die helaas nooit beantwoord zullen worden in de bekrompen wereld van mensen die hun eigen gewoon-menselijke problematiek niet meer willen bespreken, omdat ze elke dag met 'de oorlog' bezig zijn...

"Moral people are the most revengeful of mankind, they employ their morality as the best and most subtle weapon of vengeance.
They are not satisfied with simply despising and condemning their neighbour themselves, they want the condemnation to be universal and supreme: that is, that all men should rise as one against the condemned, and that even the offender's own conscience shall be against him. Then only are they fully satisfied and reassured..." Leo Sjestov


Becoming people like all other people

"The 20th century brought about some Jewish heretics and to a certain extent I followed their path-- rather than speaking ‘as a Jew’ and contributing to ‘controlling the opposition,’ I openly denounced my roots; spiritually, culturally and politically. I stopped being a Jew and dedicated my time to the production of a critical study of the tribal mechanism that drives Jewish politics and identity."
"It took me a few years to understand that my dissent was actually pretty similar to early Zionist thought, sharing its phantasmic idea of becoming ‘people like all other people.’
Indeed, my personal goal was to fulfil the early Zionist project for myself: to become an ordinary human being like all other goyim. I realised that to achieve my goal, the first step was to stop being a Jew." Gilad Atzmon, 5-7-2018

Inhoudsopgave:












Over Perzië, Astrologie & de krachten van het kwaad

Komen mannen van Mars en vrouwen van Venus?



The Scorpions & de Planeet Venus (de Morgenster)

The wise man said just walk this way, To the dawn of the light
The wind will blow into your face, As the years pass you by
Hear this voice from deep inside, It's the call of your heart
Close your eyes and your will find The passage out of the dark...
Here I am, Will you send me an angel
Here I am, In the land of the morning star

De straatjongen van de Telegraaf

"Hij groeide op in Den Haag, in de puinhopen van het naoorlogse Bezuidenhout. Zijn vader was slager, maar zoonlief droomde van een meer 'glamorous' leven. Tijdens zijn Mulo-tijd schreef Henk van der Meijden (63) voor het vroegere Haagse dagblad Het Vaderland. Later werd hij de bekendste showbizzjournalist van Nederland, "maar ik ben altijd een straatjongen gebleven..." (Haags Straatnieuws, december 2000)

Brieven aan Henk van der Meijden