Eenling worden in een
Schijn-Democratie



Nietzsche en de Koude Staat
Over 'het systeem' & de dwang van het collectivisme
VK-blog van woensdag 6 januari 2010 door Wim Duzijn


Jezus zei: Een wijze man zal niet aarzelen een klein kind van zeven dagen te vragen naar de plaats van het leven, en hij zal leven. Want vele eersten zullen laatsten worden en laatsten worden eersten en ze zullen eenling worden.
Jezus zei: Velen staan voor de deur, de eenlingen zullen het bruidsvertrek binnengaan.
Uit het (gnostische) Evangelie van Thomas

"De staat is het koudste van alle monsters. Koud is ook zijn leugen; en deze leugen kruipt hem uit de mond: 'Ik, de staat ben het volk'.'' Uit: Also sprach Zarathustra


Dat de door gewetensvolle mensen gevoerde strijd tegen 'systemen' (‘FUCK THE SYSTEM’ - evangelisch: 'overwin de wereld') alleen dan mogelijk is wanneer mensen die deel uitmaken van 'het systeem' bereid zijn zichzelf te manifesteren als onafhankelijke enkelingen (evangelische terminologie: 'wordt voorbijgangers') is een waarheid die zo vanzelfsprekend is dat je jezelf er over verbaast dat binnen een wereld die zichzelf 'elite' noemt dat besef volstrekt afwezig is.
Want hoe kun je anders het bizarre feit verklaren dat in Nederland mensen die het tegendeel zijn van 'dom' (ik denk daarbij aan de oud-hoogleraar in de economie, Arnold Heertje, en ook aan de overleden pvda-voorman Joop den Uyl) op zo een merkwaardig irrationele wijze het rechts-extremistische (ook wel zionistisch genoemde) idee van 'de joodse staat' verdedigden en verdedigen?

Ze noemen zichzelf ‘sociale democraten’, maar ze weigeren in te zien dat sociaal zijn iets anders in dan jezelf (en een bevolking die in feite niets te maken heeft met de extreem-nationalistische wetten van een andere, buitenlandse staat) tot gevangene te maken van een ‘gesloten systeem’, een werkelijkheid waarin de vrije mens (iemand die altijd een open samenleving verdedigt) zijn geestelijke vrijheid wordt afgenomen, omdat de elite verworden is tot een soort religieuze of quasi-religieuze gedachtenpolitie die alles wat weigert zich te onderwerpen aan een orde die geen orde is (de heilige staat die aanbeden dient te worden) vernietigt.

Het is dat (Wettische) waanidee dat de Duitse filosoof Friedrich Nietzsche (1844-1900), die het enkelingschap (of ‘de vrije geest’) verdedigde, tot de uitspraak bracht dat joden (de joden die hij kende..) altijd aan de kant gaan staan van het collectivisme en dat ze daarom gewantrouwd dienen te worden...
Met antisemitisme of racisme heeft dat alles niets te maken. Nietzsche was geen racist, hij was een verdediger van de vrije geest en een bestrijder van het collectivisme, zodat hij al diegenen die het collectivisme aanmoedigden (met name joden en christenen, mensen die volgens hem geen eenlingen wilden zijn) als vijand beschouwde.

In het profetische prozawerk 'Aldus sprak Zaratoestra' beschrijft hij het ontwikkelingsproces van de wijs geworden mens die als een soort Mozaische profeet vanuit de eenzaamheid van het hooggebergte afdaalt naar de wereld met een boodschap die in zoverre Mozaïsch is dat de mens wordt opgeroepen alle valse goden en afgoden te vernietigen, met de bedoeling een nieuwe vorm van spiritualiteit in het leven te roepen waarin de spirituele of gevende mens, juist omdat hij weigert zich te binden aan de geestdodende vorm, mensen 'leven' schenken kan: aanbidding dus van een God die ‘LEVEN’ is.
Een joods-spirituele (anti-zionistische) boodschap in zekere zin dus, die alleen een bedreiging vormt voor die mensen, die een verstarde vormenwereld (de mens als deel van een leugenachtig, gewetenloos machtssysteem) boven de geest (leven in waarheid, als eerlijk mens te midden van andere eerlijke mensen) plaatsen.




Boris van der Ham: Mens durf te leven


Het zijn altijd fundamentalisten, mensen die de gevangene zijn van de vorm, en die als gevolg daarvan andere mensen via hun dictatoriale samenlevingssystemen ook gevangen zetten, die de simpele boodschap van vitalistische filosofen - en Nietzsche wilde een vitalist zijn - belachelijki maken.
Dat vinden ze wel zo simplistisch - liefdjes zingen als 'mens durf te leven' - nou, daar zullen zij wel eens honderduizend zwaarwichtige filosofieboeken tegenover plaatsen.
Dan sluiten ze zichzelf op in duistere zaaltjes en lokalen en dan prevelen ze, duister starend in de verte, die nooit verder reikt dan de begrensde werkelijkheid van hun boekenwereldje: "Het woord is in de wereld gekomen en dat woord, dat slaat je dood..."
Zoiets dus..., een vrije interpretatie die niet erg lovend is, daar kom ik eerlijk voor uit, want erg serieus kan ik dat slag mensen niet nemen...

Het citaat hieronder, gelicht uit een gesprek met de Israëlische postzionist Ilan Pappe laat zien dat het verlangen jezelf uit te leveren aan een collectivistische heilsmythe (hoe modernistisch ook geformuleerd) ertoe leidt dat je alleen datgene wilt zien wat die mythe in stand kan houden.
De vijanden van de mythe - met name onafhankelijke, anarchistische eenlingen, die niet de slaaf van een ander willen zijn - worden daardoor automatisch in de positie van 'gevaarlijke gekken' geplaatst.


Ilan Pappe, de gehate doodgraver van Israëls mythen
door Baudouin Loos, journalist "Le Soir" (uitpers.be, 2010)


Naftali Bennett (als minister van onderwijs) & de grote bijbel quiz

- Vraag: Het ziet ernaar uit dat de joodse Israëli's, alhoewel ze goed opgevoed worden, zich niet echt realiseren (of niet willen realiseren) wat ze het Palestijnse volk aandeden en nog aandoen. Hoe verklaart u dat?

- Antwoord: Dat is het gevolg van een lang indoctrinatieproces, dat begint in de kindertuin en je verandert zo'n houding niet gemakkelijk. Ze is ingepompt door een zeer machtige indoctrinatiemachine, die een racistische visie van de ander geeft. Die andere wordt beschreven als primitief, bijna onbestaand, vijandig.
De uitleg die wordt gegeven voor die vijandigheid is dat hij primitief, islamitisch en antisemitisch geboren wordt - niet dat de vijandigheid voortkomt uit het feit dat iemand zijn land heeft afgenomen.
Voeg daarbij de ervaring van de jonge soldaten op de westelijke Jordaanoever en in Gaza. Daar hebben ze, zoals de eerste zionistische kolonisten, geleerd de Palestijnen te beschouwen als een deel van het landschap, niet als menselijke wezens.

De houding tegenover de Palestijnen is de keerzijde van het zionistische succes. We waren zo succesvol als degenen in het Wilde Westen. We hebben mensen weggejaagd en onderworpen. Alleen willen we die overwinning niet zien als een moreel probleem.
Je lost dat morele probleem op door te zeggen dat de verjaagde mensen geen gelijkwaardige menselijke wezens zijn, dat het juist wilden zijn, leden van de inheemse bevolking, die diende te worden overwonnen, zoals we de armoede overwonnen en zoals we de vijandige mosquito's overwonnen. Dat is de hoofdreden.

De tweede reden is dat veel van het politieke kapitaal van de joodse staat gebaseerd is op een morele superioriteit die opgeëist wordt in de naam van de holocaust.
Ik word meer dan wie ook in Israël gehaat omdat ik een universele, niet een zionistische les uit de holocaust trek. In de naam van de holocaust vraag ik dat Israël zich zou schamen. Maar als je in Israël zou leven, zou je begrijpen dat dit teveel gevraagd is. Misschien zou ik voorzichtiger moeten zijn als ik dat vraag omdat dit voor al te veel mensen een bocht van 180° zou betekenen. En dat is juist het probleem...

- U erkent dat de meeste Israëli's uw visie niet delen. Ziet u de zaken snel veranderen?

- Als het apartheidsdenken omver kan worden geworpen, dan kunnen de negatieve aspecten van het Israëlisch-Palestijns conflict eventueel ook worden verwijderd.
Ik ben echter bang dat in geval van crisis de Israëli's in de middenmoot zich eerder bij het nationalistische kamp zullen aansluiten...
Opiniepeilingen bewijzen dat dit de trend is.
De mensen kregen de volgende vraag voorgelegd: als u de keuze hebt tussen een theocratische niet-democratische joodse staat of een democratische niet-joodse staat, wat zou u verkiezen?
En een meerderheid van de joden - ongeveer 60% - koos voor de niet-democratische joodse staat. (http://www.uitpers.be/)


Nietzsche - Zarathoestra
& het geschreeuw van de staat

Dat ook Nietzsche, die door valse moralisten voortdurend in de hoek van ‘het fascisme’ wordt geplaatst, hoewel hij een vijand was van zowel primitief nationalisme als van valse leiderschapsidealen, de niet-democratische staat als een bedreiging zag bewijst het onderstaande fragment uit ALDUS SPRAK ZARATHOESTRA.
Er zijn mensen die stellen dat je een romanfiguur niet serieus mag nemen, maar dat zijn veelal mensen die zelf met grote heilig verklaarde boeken op de rug gebonden door het leven wandelen, zodat je aan de eerlijkheid van hun kritiek ernstig twijfelen moet…

ZARATHOESTRA: Ergens ter wereld bestaan nog volken en kudden, doch niet bij ons broeders: hier vindt men geen staten.
Staat? Wat is dat? Welaan, zet de oren open, want thans vertel ik u het verhaal over de dood van de volken.
De staat is het koudste van alle monsters. Koud is ook zijn leugen; en deze leugen kruipt hem uit de mond: ''Ik, de staat ben het volk.''
Vernietigers zijn het, ze zetten vallen uit en noemen die vallen staat. Die staat liegt in alle tongen van goed en kwaad, en wat hij ook spreekt, hij liegt, en wat hij ook heeft, gestolen heeft hij het...
Staat noem ik dat, waar allen gifdrinkers zijn, goeden en slechten. Staat, waar allen zichzelf verliezen. Staat, waar de langzame zelfmoord van allen leven heet.
Ze stelen de werken der uitvinders en de schatten der wijzen - dat noemen zij beschaving.
Zij braken hun gal uit en noemen dat dagblad. Zij verslinden elkaar en kunnen het verslondene niet verteren.
Rijkdommen verwerven zij en worden daarbij armer. Macht willen zij, en eerst nog het breekijzer van de macht, veel geld, deze onvermogenden.
Naar de troon willen ze allen, dat is hun waanzin, als zou het geluk op de troon zitten. Vaak zit het slijk op de troon - en vaak ook de troon op het slijk.
Kwalijk ruikt hun afgod, het koude ondier. Kwalijk ruiken ze allemaal tezamen, deze afgodendienaars.
Mijn broeders, willen jullie dan stikken in de walm van hun muilen en begeerten? Sla liever de ruiten stuk en spring naar buiten...
Ga toch de kwade stank uit de weg. Gaat heen van de afgodendienst van de overtolligen.
Waarlijk, wie weinig bezit wordt des te minder bezeten. Daar waar de staat ophoudt, daar begint eerst de mens, die niet overtollig is. Daar begint het lied van het noodzakelijke...
Daar waar de staat ophoudt - ei, ziet toch daarheen...
Ziet gij dan niet de regenboog en de bruggen van de Uebermensch?