RETOUR AFZENDER
over politie en de strijd tegen terreur









brief aan de redactie van de Volkskrant,
24 februari 1991, t.a.v. Hugo Brandt-Corstius
geschreven tijdens de Golfoorlog

Beste HBC,

Omdat jij de redactie niet bent richt ik me maar tot jou: een socialist, wat wil je nog meer?, een man van het volk...
Enige dagen geleden schoof de postbode een door de redactie van de Volkskrant teruggestuurde brief in mijn brievenbus. Ongeopend! Om aan te geven dat de redactie van de Volkskrant zichzelf beschouwt als een groep mensen, die vanwege de hoge morele waarden die zij uitdraagt, in een wereld leeft die onbereikbaar is voor mij.

Volkskrant-redactrice Margot M. heeft zichzelf tot chef-staf uitgeroepen. Zij is het geschokte linkse vrouwtje dat een persoonlijke Blitzkrieg in gang heeft gezet tegen de gevaarlijke antisemitische vrouwenverkrachter die ik blijkbaar in haar ogen ben... Met een grote bepantserde soldatenhelm op het hoofd heeft ze zich verschanst achter een klein schrijfbureau, terwijl ijverige linkse journalisten grote jutezakken vol zand de kamer binnen slepen.
"Fuck the bastard", fluisteren ze hun dappere collega in het oor, "pak hem bij zijn kloten..."
En dat zijn natuurlijk verfrissend-opbeurende woorden - gegrepen uit het vocabulaire van nette christelijke Amerikaanse soldaten - die haar als muziek in de nette, fatsoenlijke oren klinken...
Vol bittere wraaklust, de knieën op een ferme, edoch preutse wijze tegen elkander geduwd onder het zedige zwart van haar sexloze jurkje, grijpt ze een door mij ingezonden enveloppe beet, teneinde een krachtdadige oorlogshandeling te verrichten, die maar één enkel doel heeft: Mij, als onfatsoenlijke vertegenwoordiger van het kwaad, te vernietigen. Immers: Je gebruikt het woord 'kloten' niet in een brief aan een nette vrouw!
Starre, kille verbetenheid tekent zich af op haar gezicht, dezelfde verbetenheid die de Amerikaanse fatsoensapostel George Herbert Bush momenteel met zich meedraagt.
"Dit is het absolute kwaad", mompelt ze. "Dit mag niet gedoogd worden in een wereld die het goede verdedigt..." En op energieke wijze krast zij het adres door dat ik op het witte gekartonneerde papier van de enveloppe geschreven heb, om er vol walging in grote letters mijn naam naast te schrijven, met daarboven de van uitroeptekens voorziene tekst: Retour Afzender!!!

De Amerikaanse president heeft een vredesplan van zijn Russische collega Gorbatsjow verworpen.
Ik zat voor de televisiebuis en onderging vol verbazing de gevoelens van oprechte teleur­stelling die zich aftekenden op de gezichten van de Russische woordvoerders...
Wat een verschil met de jaren zestig. Toen zaten er alleen maar kerels met bikkelharde smoelwerken in het Rode Huis. Die kille, harde, oude mannen waren toen de vertegenwoordigers van 'het goede' (een begrip dat je kunt vergelijken met de denkbeeldige vlag die op een denkbeeldige modderschuit wordt geplaatst...).
De tijden zijn veranderd..., de goede mensen niet... Goede mensen blijven alle eeuwen door aan zichzelf gelijk...
Gevoelige, maar 'slechte' Russen staan nu tegenover keiharde, maar 'goede' Amerikanen...
Toen de Russen hard waren deugden ze niet. En nu ze soft zijn deugen ze helemaal niet!
Alleen wie kei- en keihard is heeft volgens de redactie van de Volkskrant het recht zichzelf goed te noemen...
De Sovjets - zo moet je concluderen - waren blijkbaar niet hard genoeg. Alleen daarom hebben ze verloren. Want nu ze soft zijn verdedigen ze zichzelf niet meer en dat is precies wat oneerlijke moralisten nodig hebben: Aardige mensen die geterroriseerd kunnen worden.

Je zult (als socialist en man van het volk..) begrijpen dat ik als buitenstaander, iemand die voortdurend door 'goede' mensen wordt afgewezen, in dit conflict aan de zijde sta van het gevoelige links.
Ik heb altijd de tegenstelling 'links-rechts' afgewezen, omdat het een schijntegenstelling was, maar nu, in de jaren negentig, beginnen die begrippen inhoud te krijgen, omdat het niet meer gaat om een politieke tegenstelling maar om een karakterverschil: Gevoelige, redelijke mensen tegenover keiharde, kille, compromisloze doerakken.
Dat in dit conflict een niet al te zachtzinnige dictator, Saddam Hoessein, centraal staat, interesseert me niet. De tirannen zitten overal op belangrijke posities en geen mens die zich daar druk over maakt. Saddam Hoessein is trouwens een lichtgewicht onder de despoten. Want iedereen weet dat het belangrijkste kenmerk van despotie de onderdrukking van minderheden is (de morele meerderheid gaat altijd vrijuit..), en iedereen weet ook dat de minderheden in Irak van Saddam Hoessein niets te vrezen hebben. De minderheden die hij bestrijdt behoren tot de groep van fanatici die in elke vrije, democratische samenleving als een gevaar zouden worden gezien: Aan de ene kant uiterst fanatieke moslims, die van Irak een moslimstaat willen maken, waarin de Islamitische wet (de Sharia) deel gaat uitmaken van de grondwet. Aan de andere kant uiterst fanatieke Koerdische nationalisten, die op nietsontziende wijze hun dromen willen verwezenlijken, dromen waarmee ze momenteel alleen maar die mensen helpen, die op destabilisering van het Midden-Oosten uit zijn, een praktijk die moeilijk gezien kan worden als een mensvriendelijke daad.

Die werkelijkheid willen we niet onder ogen zien. We hebben gekozen voor verblinding, uitschakeling van het kritische intellect - je verstand, simpel uitgedrukt, op nul zetten....
We zijn nu allemaal Duitsers. Als ze ons vragen: “Waarom dit alles?”, dan antwoorden we: “Sorry, Wir haben es nicht gewusst..”
De nuchtere mens in mijzelf gaat daar niet mee akkoord. Die wil weten. Hij trekt zich van collectieve verblinding niets aan. In dit conflict, zegt hij, willen Israël en Amerika het militaire apparaat van een naar gelijkheid verlangend Arabisch land elimineren. Zonder genade. Zonder te denken aan de gevolgen die dat optreden heeft voor de burgerbevolking. Want zo handelen goede mensen altijd. Volstrekt immoreel en gewetenloos. Uit naam van de moraal. Hun moraal..
Vanwege mijn nuchtere, afstandelijke instelling verbaas ik me daar niet over. Zo zit de wereld van primitieve moralisten nu eenmaal in elkaar. Wat vandaag 'goed' is, is morgen 'slecht'. Wie vandaag een vriend is, is morgen de 'nieuwe Hitler'.
Wie na dit valse leugenspelletje nog waarde toekent aan de moraal van de onredelijke burgerman, die is naar mijn bescheiden mening niet goed bij zijn hoofd.

Het beste wat je kunt doen in een wereld waarin blinde mensen zichzelf de koningskroon op het hoofd hebben gezet is jezelf opstellen als een eenvoudig, kinderlijk mens. Dat wil zeggen: mannetjes-kijken. Wie vertrouw je? Wie heeft er het meest sympathieke smoelwerk? En wie is er gewoon een nare, enge vent, waar je op een kinderlijke wijze bang voor bent...?
Je moet niet naar de propagandabeelden kijken. Nee, je moet gewoon de foto's van de persoonlijke woordvoerders van Gorbatsjow en George Bush naast elkaar liggen. Of nog beter, zet ze in een journaalfilmpje eens naast elkaar...
Kijk naar de gevoelige smoelen van de Russen en kijk daarna naar de starre verbetenheid van de Amerikanen.
Aan de ene kant begrip, de oprechte - mogelijk naïeve - wil een verschrikkelijke slachtpartij te voorkomen, en aan de andere kant de fanatieke wil om alles te vernietigen, in het belang van de 'goede zaak' natuurlijk, een begrip dat volstrekt zinloos is, gezien het feit dat we een bondgenootschap hebben opgebouwd, waarin bikkelharde, op onderdrukking van het individu gerichte regimes de hoofdrol spelen.

Het is oorlog in het Midden-Oosten...

We wilden de oorlog en we hebben de oorlog gekregen en weldra is die oorlog voorbij en dan kijken we juichend naar de smeerboel die we van de wereld gemaakt hebben.
O, we vieren feest natuurlijk. Dat doen overwinnaars altijd. Ja, dat deden we in het jaar 1967 ook, na de juni-oorlog, die vanwege het succes werd gezien als een goddelijk teken. Want nu Jeruzalem vrij was, nu zou de Messias kunnen komen..., die vreemde bazige man die met zijn goddelijke legerscharen de hele wereld gaat bezetten en onderwerpen...


aankomst in israel

Ik heb de feestvreugde beleefd. Ik zat op de boot tussen zingende en dansende gelovigen, en ik luisterde naar hun liederen.
Ik studeerde sociologie in Utrecht. We waren jong en arm. We reisden in een klasse die beneden de eenvoudige toeristenklasse lag. We sliepen in het ruim, tussen hoog opgestapelde vrachtgoederen. We aten broodjes met knoflookworst en we dronken lauwe limonade...
'Havanakiela' zongen de Israël-vaarders, terwijl de kust van Israel wazig opdoemde aan de verre horizon. En ik keek ernaar, lui uitgestrekt op het voordek, terwijl ik bijna stierf van de hitte...
Je kunt beter niet reizen als je jong en arm bent. Oud en rijk zijn, dat is volgens mij veel beter. In een dure hut en een grote badkamer naast je bed....
O, natuurlijk, het ziet er erg mooi uit, die frisheid van de jeugd, die zingt en danst. Maar als je er goed over nadenkt dan besef je dat al die frisheid in een grote put vol met helemaal niks wordt geworpen. We verspillen de jeugdige kracht en energie. We maken die kracht niet dienstbaar, nee, we onderwerpen ons aan die kracht, in dienst van het lege, holle ideaal. Zodat schoonheid lelijkheid wordt en de mooie, goddelijke mens verpietert en verwelkt in zijn kleine, onbeduidende tuintje, dat door God zelf is aangelegd.

"Jeroesjalajem", zullen jonge mensen straks zingen, "gouden stad, die wacht op haar koning...", en ze gaan heel ijverig vrede maken in een wereld, die niet groter mag zijn dan een berg heilig verklaarde stenen.
John Lennon, die door de Britse BBC op de zwarte lijst was geplaatst, mag het lied 'Give Peace A Chance' weer ten gehore brengen. Ik zal weer brieven mogen schrijven aan de redactie van de Volkskrant. En de Paus van Rome (in de ban gedaan omdat hij voor de vrede was) wordt door de vreemde hogere macht die hij aanbidt weer omgetoverd in de bekrompen, kleinburgerlijke moralist, die hij alle jaren door is geweest...

Het 'goede', zeggen we, zal zegevieren. Een nieuwe orde zal aanbreken. Aan al het onrecht in de wereld zullen we een einde maken...
Niet langer een dubbele moraal. Niet langer de terreur van de kleinburgerlijke schizofrenie.
Onze Minister-President zal de ambassadeur van Israël in zijn torentje ontbieden en hem op ferme en flinke wijze meedelen dat de Nederlandse regering niet akkoord gaat met de opname van een racist in de Israëlische regering, omdat zoiets, naar het oordeel van onze ozo goede, moralistische volksvertegen­woordiging ongepast is en in strijd met de beginselen van een democratische rechtsstaat, die racisme niet duldt.
"De staat Israël", zal hij op strenge toon opmerken, "een staat die volgens een resolutie van de veiligheidsraad vanwege haar zionistische beginselen een racistische staat moet worden genoemd, zal moeten breken met haar fascistische ideologie. Wie het fascisme aan de macht wil brengen deugt volgens mijn sociaal-democratische beginselen niet. Wie schuldig is, zal als schuldige worden aangewezen. De onschuldigen worden niet langer door ons bestraft..."

Oja, een nieuwe orde gaat ongetwijfeld aanbreken. Het tijdperk van racisme en nationalisme is voorbij en aan apartheidspolitiek doen we niet meer.
De Amsterdamse burgemeester Ed van Tijn wist het zo goed te zeggen, toen de leider van de Zuid-Afrikaanse bevrijdingsbeweging ANC, Nelson Mandela, de stad Amsterdam bezocht:
"Hartstikke fijn joh, dat jij niet meer in je kleine onvrije thuislandje hoeft te zitten..."
Nu moeten we Yasser Arafat nog in Amsterdam zien te krijgen. Op het bordes van het Paleis op de Dam. Naast de burgervader van Amsterdam... "Hartstikke fijn..."
Geloof jij dat het ooit zo ver komt? Of zou die Ed van Tijn er maar een potje op los liegen met zijn strijd tegen de apartheid.
Ik weet het niet. Wanneer hij werkelijk tegen de apartheid zou zijn, dan zou hij eigenlijk voor de opheffing van de joods-zionistische staat Israël moeten zijn, en dan zou hij de vorming van Palestijnse thuislanden (Bantustans) verbieden.
Geen tehuizen voor mensen meer bouwen, nee, gewoon Palestina weer Palestina laten zijn, want per slot van rekening heeft de staat Palestina duizenden jaren lang bestaan en de huidige inwoners van dat land zijn, puur zakelijk en objectief gezien, niets anders dan doodgewone kolonisten, die met een tas vol leugens de boel zijn komen bezetten.
Dat zou allemaal anders zijn geweest wanneer Palestina in 1942, na de Wannseeconferentie die van onschuldige mensen vijanden maakte, zou zijn uitgeroepen door de Britten als een tijdelijke vluchthaven voor opgejaagde joden. Dan zou ik er vrede mee hebben gehad. Want een vluchteling is een vluchteling. Daar kom je voor op. Een vluchteling is geen leugenaar. Maar het merkwaardige feit doet zich voor dat de staat Israël werd opgericht toen het in feite niet meer nodig was. De doden waren dood, die hadden er niets meer aan. En de overlevenden keerden terug naar bevrijd gebied. De nieuw opgerichte staat diende daarom alleen maar de antieke, aan onredelijke bijbelse idealen gekoppelde zionistische ideologie, waar geen zinnig mens ook maar iets aan heeft...

Vluchtelingen haten het vluchtelingschap. Vluchtelingen scheppen geen wereld waarin andere mensen op de vlucht worden gejaagd. Vluchtelingen weten dat de oprichting van een democratische staat Palestina, waarin arabieren de gelijken zijn van de joden een einde kan maken aan het vernietingsdenken van extremisten.
Nooit meer hoeven gelovige Israëliërs op zoek te gaan naar een 'nieuwe Hitler'. Ze maken deel uit van de Arabische gemeenschap. Hun land zal, net als het democratische voorbeeld Amerika, een smeltkroes van nationaliteiten en religies zijn, je kent dat begrip wel, dat dure begrip 'melting-pot', waar George Bush op zo'n uitdagende manier mee loopt te pronken, maar waar in de praktijk weinig van terecht komt omdat allerlei eng-denkende luitjes zichzelf vast blijven klampen aan een identiteit die helemaal geen identiteit is.

Als ik het voor het zeggen had dan zat Arafat allang in een groot kantoor binnen het parlementsgebouw van de in ere herstelde democratische rechtsstaat Palestina. Oppositieleider, vice-premier, voor mijn part president.
En reken erop dat Arafat en ik goed met elkaar overweg zouden kunnen. Omdat ik de man op een respectvolle wijze wil behandelen. Daar gaat het namelijk om. Je geeft respect en je vraagt respect terug.
Wanneer je goed naar de televisie hebt gekeken dan weet je welke les Saddam Hoessein ons geleerd heeft in de afgelopen maanden: een kinderlijk-eenvoudig zedenlesje, dat alle moralisten van de wereld zich eens goed ter harte zouden moeten nemen:

Wanneer je mij correct behandelt, dan gedraag ik me correct. Wanneer je mij als een schooier behandelt, dan gedraag ik me als een schooier.

Amerika en Israël hebben met behulp van een weerzinwekkende vernederingspolitiek hun zin kunnen doordrijven. Dat doen moralisten altijd. Die provoceren, die plaatsen vals-moralistische vallen, die zuigen je het bloed onder de nagels vandaan en wanneer je dan woedend wordt, wanneer je zo vernederd bent dat je alleen nog maar tot agressief verzet in staat bent, dan noemen ze je op een valse, stroopsmeerderige wijze een 'duivel' of 'een terrorist'.
De secretaris-generaal van de UNO, een rechtsorgaan dat boven de partijen behoort te staan, kwam in het hele verhaal niet voor.
Dat kun je moeilijk een internationale rechtsorde noemen.
Niet het goede heeft gewonnen. Nee, de sterkste heeft gewonnen. Niet het recht en de vrijheid hebben gezegevierd. Nee, de leugen, de politieke intrige en de botte macht hebben gewonnen.
Wie een anti-intellectuele oorlog wil winnen, die moet gemener, valser, sterker en sluwer zijn dan zijn tegenstander, dat is de les die ze ons hebben geleerd.
Echte goede mensen - in mijn ogen mensen die hun verstand als wapen willen gebruiken - winnen geen oorlog. Omdat zij oorlogen willen voorkomen. Daarom stond Gorbatsjow finaal in zijn hemd door het harde, brutale optreden van Bush en Baker en hun rechts-nationalistische vrienden Sjamir en Sharon.

De Israëlische politicus Sharon kwam gisteren mijn huiskamer binnen: "Vier doden en bijna driehonderd gewonden", schreeuwde hij. "Die gek in Bagdad moet totaal vernietigd worden..."
Niemand die hem probeert te kalmeren. Niemand die een agressief, gewetenloos kind een streng en afgemeten 'halt' toeroept.
We zetten de wereld in brand. We werpen honderden miljarden guldens in een bodemloze put. Overal sjokken vluchtelingen langs Gods ondoorgrondelijke wegen, en als kille aasgieren praten zich democraat noemende intellectuelen over mogelijke milieurampen die miljoenen mensen in een toestand van bittere ellende kunnen brengen...

Volkskrantredactrice Margot M. kijkt me stralend aan. "Nu wordt het eindelijk vrede", zegt zij, "shalom..".
Ik staar naar de ongeopende, chaotisch volgekliederde brief in mijn handen en kan alleen maar op een onsamenhangende wijze een paar woorden voor me heen mompelen.
"Bent u niet blij", roept ze me toe, "vindt u het niet geweldig dat de goede mensen het kwaad hebben vernietigd?"
"Maar die brief dan, waarin je mij als anarchistische vrijheidverdediger het schrijven verbiedt", antwoord ik, "die heb je toch geschreven omdat je kwaad op me bent? En als jij kwaad bent, dan ben jij toch een duivelin? Want een goed mens kan toch niet kwaad zijn?"
"Nee, nee", zegt Margot, "je moet de werkelijkheid niet zo kinderlijk-naïef bekijken. Het kwaad is een duivels, buitenmenselijk gebeuren, iets dat boven de mens staat en dat daarom verdreven dient te worden?"
"Duivelse machten", vraag ik, "godsdienst?"
"Jaja", zegt ze, "precies, daar gaat het allemaal om. Wist je niet dat de redacteuren van de Volkskrant brave godsdienstige mensen zijn, die heel veel kerken, synagogen en moskeeën bezoeken...?"
'Mooi braaf', denk ik bij mezelf, 'gewoon een troep schijnheilige hellevegen met een bazig en tiranniek karakter, die een kritische, nuchtere lezer behandelen, als was hij hun persoonlijke bediende...
Heeft trouwens die adjunct-hoofdredacteur van de Volkskrant, Bert Vuysje, niet dat mooie boek Lof der Dwang geschreven, waarin niet de strengheid van de redelijke mens, maar de terreur van de onredelijke mens als hoogste waarde in het leven wordt aangeprezen..?

Nee, praat me niet over de nieuwe wereldorde van de door en door onredelijke morele meerderheid.
Ik zie alleen maar rotzooi om me heen: smeerboel, chaos, ellende, verpaupering, hongersnood, verwoesting, oneerlijkheid, vernederingsdrang, blinde haat, wantrouwen en wederzijds onbegrip. Niet bepaald zaken waar we als humanistische democraten trots op kunnen zijn...

Make Love Not War..., riep de rebellerende jeugd in de jaren zestig.
"Naar een werkkamp met die linkse uitvreters", schreeuwden de rechtse kleinburgers.
Nu worden de rechtse kleinburgers 'links' genoemd.
'De politieagent Amerika wordt bedankt', roept de hoofdredacteur van de Groene Amsterdammer, Martin van Amerongen, zijn dichtende en denkende lezers toe.
Bedankt voor wat?, denk ik bij mezelf.
Het is de taak van een politieagent de burgers te beschermen tegen terrorisme. Politie staat voor recht en orde en niet voor dood en destructie.
Gewone, naar rust verlangende burgers werden in deze oorlog helemaal niet beschermd.
We verdedigden de ideologie. Het geloof in een orde die geen orde is. Want ideologie is geestelijk terrorisme. Ideologie is de dood van het verstand en de dood van het geweten.
De hoofdredacteur van de Groene Amsterdammer beseft dat niet....

Wim Duzijn, 1991