Israël, God en Irrationeel bijgeloof
Commentaar van Wim Duzijn 2002
Citaat: "I came to Israel because I thought I could save the world - it was right after the holocaust. I was saving the world, saving the Jews, saving myself, and building a socialist world. Back in 1950, we thought we would build a bi-national state, a democracy, a brotherhood of man. I was idealistic, I thought that every day was a battle in which you improved the world." She nods her head, sadly.
"I joined a kibbutz, but that's where my disillusionment began. All of the socialist ideas were inward rather than outward, there was no concern for the Arabs. All that the kibutz wanted was to expand it's land and improve it's economy. That meant taking Arab land, and there was complete indifference to that." (Chaya Amir, PalestineChronicle 15-4-2002)
Waarheid is een eigenaardig woord. Waarheid is waar omdat mensen een theorie bevestigen. Waarheid is onwaar wanneer mensen de theorie ontkennen. We nemen aan dat een ware theorie altijd bevestigd en een onware theorie altijd ontkend zal worden.
Dat is helaas zelden het geval.
De geschiedenis leert ons dat intelligente mensen uiterst briljante theorieën ontwikkelen die ondanks het feit dat ze het product zijn van een briljante wetenschappelijke geest domweg ontkend worden omdat ze in strijd zijn met de religieuze en/of ideologische opvattingen van domme mensen die toevallig de macht in handen hebben.
Wat de geschiedenis ons dus leert is dat domheid altijd probeert intelligentie te vernietigen, zodat we alles op alles moeten zetten om de intelligente mens te beschermen.
In landen waar religie en politieke ideologie (ideologie gezien als dwangmatig opgelegd vormdenken) de toon aangeven zal alleen datgene intelligent worden genoemd wat het gelijk van de machthebbers bevestigt, of in ieder geval niet ontkent.
Wetenschap in dictatoriale landen is aangepaste wetenschap. Wetenschappelijke theorieën zullen nooit de heersende ideologie ontkennen. Daarom is alfawetenschap, een wetenschap die via de bestudering van het menselijke gedrag ook het religieuze en ideologische denken onder de loep van het naar waarheid strevende wetenschappelijke intellect wil leggen, nooit in tel in een middelmatige maatschappij. Middelmatige mensen willen niets weten over zichzelf. Wie gaat nadenken over datgene wat hij doet, zo stellen ze, komt in conflict met machthebbers. Daarom kun je het denken maar beter laten..
De vraag of een denker kritisch denken mag is hoogst actueel momenteel omdat fundamentalistische zionisten en christenen alles op alles proberen te zetten kritische denkers, die de staat Israël 'moraalloosheid' verwijten in een kwaad daglicht te plaatsten.
Zionisten gebruiken daarbij zelfs het argument dat mensen die Israël aanvallen 'antisemieten' zouden zijn.
Het begrip antisemitisme wordt daarbij ontdaan van zijn concrete inhoud en voorzien van een primitieve haat- en ressentimentscomponent, die, zoals de filosoof Friedrich Nietzsche het in zijn werk duidelijk heeft aangetoond, kenmerkend is voor elke beweging die een primitieve, niet-objectieve moraal hanteert.
Nietzsche propageerde de 'vrolijke wetenschap', een vorm van denken die op een speelse wijze de vloer aanveegt met alle vormen van niet-wetenschappelijk denken.
Niet-wetenschappelijk denken is elke vorm van denken die weigert het zoeken naar waarheid als norm te hanteren. Niet-wetenschappelijk denken is altijd autoritair denken: niet je uitspraken baseren op objectief, eerlijk onderzoek, maar op irrationeel machtsdenken: "Wij, de machtigen, geloven niet in jouw waarheid.."
Machtsmisbruik en irrationeel geloof zijn altijd synoniemen. Zodra mensen zichzelf uitleveren aan primitief bijgeloof aanbidden ze de blinde uitoefening van de Macht. Vragen stellen is slecht. Gehoorzamen is goed.
Binnen een rationele samenleving ontstaat nooit zoiets als een heksenjacht. Rationeel ingestelde mensen proberen verdraagzaam en tolerant te zijn en ze zullen tegenover de veralgemening van het duistere bijgeloof altijd de individualisering van de rede plaatsen.
Die tegenstelling 'veralgemenisering' tegenover 'individualisering' vormt het centrale thema van de menselijke geschiedenis van de afgelopen tweehonderd jaar.
De periode die we 'de verlichting' noemen wilde tegenover het individu-ontkennende autoritair-religieuze machtsdenken de individu-bevrijdende, zich op wetenschappelijke inzichten baserende democratie plaatsen.
Zowel socialisme als liberalisme waren bewegingen die zich fel wilden afzetten tegen primitief-autoritair bijgeloof. Tegenover de slaafse machtsaanbidding (God is Macht) werden moderne sociaal-liberale waarden als vrijheid, gelijkheid en broederschap geplaatst.
De mens staat centraal. Elke instantie die de waarde van de mens ontkent (ook wanneer hij door God zelf in het leven is geroepen) moet worden aangevallen.
De verlichting is de onttroning van de Autoritaire God. Of beter gezegd: de verlichting wilde de Autoritaire God onttronen. Maar bijzonder succesvol is dat streven nooit geweest.
In de Volkskrant van 26 april valt Hajo Meyer, vertegenwoordiger van de beweging 'Een Ander Joods Geluid', die mensen aan die kritiek op Israël gelijkstellen aan antisemitisme.
Antisemitisme is bijgeloof. Antisemitisme gaat er vanuit dat joden vertegenwoordigers zijn van een ras dat via genetische tekortkomingen nooit zal deugen, zodat dat inferieure ras maar beter verwijderd kan worden, omdat vermenging van raszuivere mensen met genetische bastaarden het eigen ras naar de ondergang zal voeren.
Antisemitisme, met andere woorden, is racisme. Racisten gaan er vanuit dat het eigen ras superieur is zodat contact met andere bevolkingsgroepen vermeden dient te worden. Racisten zullen nooit gemengde huwelijken toestaan en ze zullen proberen te voorkomen dat zij in een positie worden geplaatst waarin zij gedwongen worden vertegenwoordigers van een inferieur ras te gehoorzamen. Wat superieur is, dient een superieure positie in te nemen. Het inferieure ras mag binnen de wereld van het superieure ras alleen maar een slavenras zijn. Het superieure ras is het Herenras.
Herenrassen, die het op individualisatie gerichte begrip 'Heer' (zoals gehanteerd binnen de filosofie van Nietzsche) gelijk stellen aan 'de superioriteit van de eigen groep' hebben de afgelopen jaren de wereld dood, destructie, oorlog en genocide gegeven.
Communisme, Nationaalsocialisme, Christelijk fundamentalisme (Zuid-Afrika, Zuidelijke Staten van Amerika) en in onze moderne tijd 'het zionisme', een ideologische beweging die er van uitgaat dat joden en niet-joden niet op basis van gelijkheid kunnen en mogen samenleven.
Hajo Meyer geeft in zijn artikel een schets van het zionisme die niet bijzonder objectief is. Hij probeert van een halve waarheid een hele waarheid te maken en daarmee valt de objectieve basis weg en wordt zijn verhaal een ideologisch (niet-wetenschappelijk) verhaal.
Wat hij verzuimt aan te geven is de fascistische, extreem-nationalistische kiem (vorming van een exclusief joodse staat) die vanaf het eerste begin al ingebouwd zat in het zionisme, een reactionaire, autoritaire vorm van machtsdenken waar naïeve linkse idealisten altijd hun ogen voor hebben gesloten.
Pas wanneer hij de geschiedenis van Israël na 1967 gaat beschrijven komt de waarheidlievende wetenschapper aan het woord en dan is zijn kritiek ook uitermate fel, vooral ook omdat hij in de verrechtsing van de staat Israël een ontkenning ziet van zijn eigen idealisme.
Hij geloofde oprecht dat oprichting van de Israël zou leiden tot vernietiging van het antisemitische bijgeloof dat in joden minderwaardige geesten ziet en hij constateert dat rechts Israël het omgekeerde heeft bereikt door een staatsopvatting te propageren die van Palestijnen minderwaardige geesten maakt. Zelfs mensen die altijd positief tegenover Israël stonden beginnen zich nu af te vragen of ze wellicht jarenlang een monster aan hun borst hebben gekoesterd...
Helemaal gelijk heeft hij niet, omdat de reacties die hij 'antisemitisch' noemt dat in feite niet zijn: ze zijn niet gebaseerd op het bijgeloof dat joden deel uitmaken van een inferieur ras, maar ze zijn gebaseerd op het feit dat in Israël autoritaire, racistische joden op de meest grove wijze de rechten van niet-joodse mensen schenden.
Jodenhaat en antisemitisme mag je niet aan elkaar gelijkstellen. Het begrip antisemitisme hoort thuis bij het Nationaalsocialisme, waar een ideoloog als Alfred Rosenberg zijn quasi-wetenschappelijke racistische theorieën tot staatsideologie mocht uitroepen.
Van georganiseerde jodenhaat, gericht op het vernietigen van iedereen die de joodse religie beleed, is voor 1900 eigenlijk nooit sprake geweest.
Jodenhaat was wel aanwezig in autoritaire vormen van christendom, bewegingen die joden beschouwden als God-moordenaars. Die haat, die nooit antisemitische vormen heeft aangenomen, was gebaseerd op het bijgeloof dat Jezus de zoon zou zijn van God, een opvatting die door de Islam fel bestreden wordt.
Binnen de Islam mag geen enkel mens zichzelf gelijkstellen aan God. God is de naamloze, de onkenbare, de gezichtsloze, die onrecht wordt aangedaan wanneer je hem een beperkt menselijk uiterlijk probeert te geven.
God kun je alleen kennen via zijn profeten en daarom moeten die profeten geëerd worden, omdat zij uitzonderlijke figuren zijn die in staat zijn iets van de glans van God aan gewone mensen door te geven.
Wie christendom tegenover de Islam plaatst die zal al snel ontdekken dat de Islam in cultureel opzicht voor de mensheid van grotere betekenis is geweest dan het Christendom. Het christendom stond altijd vijandig tegenover de wetenschap, juist omdat men pretendeerde God te kennen. De Islam kent God niet en daarom zal zij in wetenschappers minder snel een bedreiging zien voor het eigen geloof.
De Godsopvatting van de Islam staat dicht bij die van het jodendom. Ook binnen het Judaïsme mag God niet in menselijke begrippen en vormen worden vastgelegd. Wanneer je joodse teksten leest dan zie je steevast dat ze over 'G-d' spreken, om aan te geven dat zelfs het geven van een naam aan God al te ver gaat.
En juist omdat men op zo'n welhaast puriteinse wijze God benadert is het onbegrijpelijk dat in het Midden-Oosten een staat wordt opgericht die 'Het Land Van God's Strijders' wordt genoemd, een vorm van blasfemie in feite, de wil God, wiens naam niet uitgesproken mag worden, te dwingen zichzelf te vereenzelvigen met het woord 'Israël'.
"Israel" means, "God rules; or strives with God;
or a prince of God; or overcomes and prevails;
or God's fighter."
[Jews Information Desk]
Israël is God's strijder. Dat is een naamgeving die verwijst naar het geloof van fundamentalistische joden dat het de taak van Israël is de Messiaanse oorlogen te voeren die de joden terug zullen brengen naar het beloofde land.
Het zal duidelijk zijn dat het intellectuele Godsidee, God als de naamloze, die niet in vormen vastgelegd mag worden, door de oprichting van een staat die zich 'Prins van God' noemt met voeten wordt getreden.
Het is uiterst hypocriet om afbeeldingen van God te verbieden (zowel jodendom als islam weigeren enige religieuze afbeelding in hun gebedshuizen toe te laten), terwijl tegelijkertijd door de vorming van een religieuze staat God een kleinmenselijk, eng-nationalistisch gezicht gegeven wordt.
Zowel de vorming van een joodse staat als de vorming van een islamitische staat zijn schendingen van het gebod van de profeten dat God niet vastgelegd mag worden in een kleinmenselijke vorm.
Wie God zijn eigen kleine naam probeert geeft is een Godlasteraar. God is alles en niets. Wie hem in een klein denkraam wil persen, vernietigt de goddelijkheid van God.
In Israël wordt Ariel Sharon gezien als de personificatie van de staat Israël: "God's Strijder'. Sharon wordt door fundamentalisten 'de koning van de joden' genoemd, omdat hij de wereld wil laten zien dat Israël 'God Heerst' betekent.
De God van Israël, die volgens de kolonisten een God van Oorlog is, sluit geen compromissen. Die God heerst en moet vechten en daarom zal er nooit vrede gesloten mogen worden met de wereld. Hooguit met een klein stukje van de wereld, dat er mee akkoord zal moeten gaan dat de rest van de wereld het slachtoffer zal zijn van de agressie van een God die om te kunnen overleven eeuwig oorlog voeren moet. Israël isGod's Strijder!
Hajo Meyer weigert de problematiek die ingebouwd zit in de naam 'Israël' onder ogen te zien, zoals hij ook het merkwaardige bijgeloof dat er zoiets bestaat als een 'beloofd land' weigert te kritiseren.
Hoewel hij mensen die kritiek op Israël gelijk stellen aan antisemieten 'misdadigers' noemt, wil hij niet onder ogen zien dat die mensen als bewoners van een staat die geloven dat Israël een speciale goddelijke missie heeft te vervullen (Gods hegemonie afdwingen) niet anders kunnen dan tegenstanders van hun geloof tot duivel uitroepen.
Dat is wat de zionistische schrijver Leon de Winter momenteel doet. Hij klaagt ons allemaal aan vanuit het geloof dat Israël het volk van God is dat zich nooit mag onderwerpen aan inferieure niet-joden (Palestijnen en Arabieren).
De basisgedachte is gewoon fout. Dat feit zal erkend moeten worden. God en Israël moeten van elkaar gescheiden worden. Joodse leiders zullen moeten kiezen voor God als intellectueel idee en niet voor God als materiele vorm.
Israël is gestold bijgeloof. Dat bijgeloof berust op een Godsopvatting die de ontkenning is van het zijnsbeginsel dat aan de profeet Mozes werd geopenbaard. "Ik ben die Is".
Echte godsdienst is volgens de zijnsopvatting antimaterialistisch. God kan nooit het bezit van een groep zijn. Wie zegt "Ik bezit God' is de vernietiger van God.
Israël en alle andere staten die God als exclusief bezit claimen ontkennen het bestaan van God. Want bestaan is leven, en leven is altijd ontwikkeling.
Wie denkt dat een mens als dode, onveranderlijke vorm uit de baarmoeder van een vrouw gekropen komt, die heeft het mis.
Israël is een dode vorm die niet groeien wil, een misgeboorte, die in feite geen recht van bestaan heeft..., wanneer men tenminste wil kiezen voor een God die goddelijk is, een God die ons leert dat we geen primitieve afbeeldingen van Hem mogen maken, omdat elke afbeelding van God een kleinering van Zijn Goddelijke, Allesomvattende Wezen is. (Zwolle, 26-4-2002)