Anarchisme & Idolatrie
over ballingen en onderdrukkers


Moeder Van Ballingen

Here at our sea-washed, sunset gates shall stand
A mighty woman with a torch, whose flame
Is the imprisoned lightning, and her name
Mother of Exiles.

Wisdom is better than strength. Nevertheless the poor man's wisdom is despised, and his words are not heard. The words of the wise heard in quiet are better than the cry of him who rules among fools. Wisdom is better than weapons of war.

Kohelet (Prediker)

Idolen & De Kunst

Het is al vaak vastgesteld dat de samenleving steeds meer werkelijkheid in de kunst zelf zoekt. Het waargebeurde verhaal, de persoonlijke getuigenis of ontboezeming, het herkenbare realisme, de journalistieke thema’s die zo van de opiniepagina’s van de kranten in de literatuur belanden (Renate Dorrestein schrijft een roman over zinloos geweld), steeds vaker en steeds luider wordt via de kunst contact met de werkelijkheid gezocht, contact dat in het dagelijkse leven paradoxaal genoeg niet meer te vinden is.
Het is die één-op-één herkenning waartegen Frans Kellendonk zich verzette in zijn essay Idolen, uit 1986, waarin hij ook de beroemd geworden, maar ook vaak misbegrepen levenshouding van het "oprecht veinzen" te berde bracht. De kunst is per definitie kunstmatig, stelde hij, en wanneer ze zich de waarheidsgetrouwheid van de journalistiek aanmeet, simplificeert ze de ongrijpbare werkelijkheid waarin we leven. "Mijn bezwaar tegen het realisme, schrijft hij, is hetzelfde bezwaar als de joden hadden tegen iconische afbeeldingen: de pretentie als zouden we weten waar we het over hebben kleineert het mysterie. Idolatrie is onwil om op de uitdaging van het mysterie in te gaan."
Kellendonks lezing is vaak uitgelegd als een verdediging van het l’art pour l’art-standpunt, en het is waar dat hij hier en daar in zijn essay lijkt te zwelgen in het besef van de kunstmatigheid van alle kunst. Maar hij laat er geen misverstand over bestaan dat hij zowel het extreme estheticisme als het journalistieke realisme afwijst. Beide doen namelijk de werkelijkheid tekort.

Bas Heyne-NRC, Kellendonklezing 17-2-2003

Mysterie & Realisme

Religieuze mensen praten veelal over zaken waar ze weinig van begrijpen...
Het treurige gevolg daarvan is dat ze op een meedogenloze wijze al die mensen die wel iets weten en begrijpen de dood injagen: letterlijk soms, maar meestal op een indirecte wijze, via een stompzinnig, antidemocratisch proces van doodzwijgen.
Religieuze mensen haten wetende mensen vanuit het diepste van hun ziel, omdat de wetende, eerlijke mens de vijand is van het idool.

Kleinburgerlijke religie wordt door intelligente, kritische mensen afgewezen omdat ze weten dat een benepen vorm van religieus denken weinig meer is dan idolenverering, een geestelijke bezigheid die door de Nederlandse schrijver Frans Kellendonk wordt omschreven als 'afkeer van het mysterie', afkeer dus van het raadsel, het niet weten, of de twijfel.
Idolatrie is altijd fundamentalisme. Dat is de reden waarom op de Mozaďsche Wet gebaseerde religieus (religies dus die afgodendienst fel afwijzen) nooit mogen kiezen voor een fundamentalistische omzetting van Godaanbidding in vormendienst. Dergelijke religies moeten, volgens de terminologie van Frans Kellendonk, 'mysteriereligies' zijn - geestelijke bewegingen die de mens niet binden aan regels, maar omgekeerd: mensen leren regels te relativeren, hetgeen in feite niets anders is dan kiezen voor een anarchistische levenshouding.

Religie en anarchie blijken in de praktijk van het leven niet samen te gaan. Geestelijke leiders noemen zich 'kerkleiders' - een woord dat de totale ontkenning is van het op ontregeling gerichte anarchistische denken, dat groepsvorming nooit ziet als het bouwen van streng hiërarchisch gestructureerde instituten, maar als samenwerkingsorganen, organisaties van personen die op grond van gedeelde idealen besluiten een band voor het leven aan te gaan.
Kloosterorden kunnen gezien worden als uitingsvormen die het anarchistische denken geen geweld aandoen. Een monnik heeft een persoonlijk ideaal dat hij samen met anderen kan verwezenlijken. Gedeelde dienstbaarheid maakt het individu sterk en stelt hem in staat in een negatieve anti-idealistische wereld een positieve idealistendaad te stellen.
Het collectief staat in dienst van het individualisme. Het verschil tussen egoďsme en altruďsme wordt opgeheven, en omdat binnen een kloostergemeenschap plaats wordt ingeruimd voor het mysterie - de mogelijkheid op een persoonlijke wijze de aanwezigheid van 'God' te ervaren, een ervaring die aan geen enkele kerkelijke regel gebonden is, kan aan de geestelijke toestand van ‘het monnik-zijn’ de kwalificatie 'mysticus' toegekend worden, waarbij de term mysticus gezien moet worden als de ontkenning van de door alle profeten als volmaakt zinloos omschreven idolendienst.

Wie religie opvat als bestrijding van idolatrisch denken zal nooit de vijand zijn van het moderne denken, omdat modern denken in feite ook de strijd wil aanbinden met zinloze vormen van idolatrie: het heilig verklaren dus van denkbeelden en opvattingen - ook wanneer die opvattingen 'wetenschappelijk' worden genoemd.
De twijfelende sceptische mens en de religieuze mysticus ontmoeten elkaar daar waar ze de afgodendienst afwijzen.
Daarom heeft Frans Kellendonk ongelijk wanneer hij het mysterie als een soort antipode tegenover het realisme plaatst. Alleen een realist is in staat het idool te vernietigen. Hij is de ijsbreker die de weg vrijmaakt voor de mysticus, die in staat is de ontnuchterende leegte van het realisme op te vullen met de verwarmende gloed van het gevoel.

Zie ook: In Memoriam Frans Kellendonk

Israel & het Post-Zionisme

Hoewel buitenbeentjes in Israel al jarenlang walgen van de zinloze onderneming die 'Zionisme' heet, probeert de oude garde met alle mogelijke middelen de als zinloos ervaren ideologie nieuw leven in te blazen, daarbij op een cynische wijze gebruik makend van de intifada, die de jeugd van Israel terug moet voeren naar een collectivistisch verleden, waarin de aan idolen verslaafde kuddemens boven de naar geestelijke onafhankelijkheid verlangende enkeling wordt geplaatst.
De anti-Zionistische protestbeweging in Israel, die is samengesteld uit een bont gezelschap eenlingen, omdat eigenlijk geen enkele politieke partij in Israel de moed durft op te brengen openlijk te breken met het Zionisme, heeft de naam 'post-Zionisme' meegekregen, een naam die verwijst naar de opvatting dat er een nieuw Israel moet ontstaan, waarin zaken als vrijheid en rechtvaardigheid de plaats in gaan nemen van overleefde Zionistische waanwijsheden, die alleen maar onvrijheid en onrechtvaardigheid in het leven roepen.
Het (mede door Ariel Sharon gestimuleerde) neo-Zionisme kan gezien worden als een reactie op het post-Zionisme, dat gezien wordt als een gevaarlijke vorm van nihilisme die het voortbestaan van de staat Israel bedreigt.

Meyrav Wurmser over het post-Zionisme

The post-Zionist death-sentence on Zionism was clearly reflected in a poem written by the celebrated Israeli poet Aharon Shabtai. It is a reflection of the extent to which post-Zionist currents have gained traction within Israeli society that the leading Israeli daily Ha’aretz published this harsh post-Zionist statement:

Already from the window of the parked airplane one can see
that we have returned to the same excrement from which we came. But to complain, to lament, to cry,
Is only a part of the tax-package required of the educated citizen.
The country’s corrupt, dishonorable and stuttering rulers want the freezer to be filled with delicate literary meat.
Therefore, I propose to shorten the soul to a line that connects between two points:
A. To know that there is no difference between Yitzhak Rabin and Benjamin Netanyahu...
B. The poet, the intellectual, is not one who reads Kafka or Marcel Proust when liberty and justice are being trampled on in the markets. No, in a forever-young body he stands, lowering his pants, and urinates on the dying bonfire of Zionism...

By Meyrav Wurmser, in "Can Israel Survive Post-Zionism?"

Hoogstwaarschijnlijk zullen veel mensen de aanval van Aharon Shabtai als 'schokkend' ervaren. Maar hoogstwaarschijnlijk ook zullen diezelfde mensen vol instemming gekeken hebben naar het omverhalen van de standbeelden van Saddam Hussein in Irak.
Tegen zulke mensen kun je alleen maar zeggen dat hij die de vernietiging van idolen in andere landen normaal vindt, niet kwaad moet worden wanneer mensen ook in zijn eigen land de idolen van hun sokkels stoten.


Aharon Shabtai, born 1939, is one of Israel’s leading poets. He studied Greek and Philosophy at the Hebrew University, the Sorbonne, and Cambridge. He currently teaches Hebrew literature at Tel Aviv University.
The poet’s primary responsibility, Shabtai makes clear, is—at least on the level of literature—freshness, attentiveness, and surprise. And when things fall apart, the responsible writer can’t but apply these values to the least likely and perhaps most slippery of literary subjects—politics and public affairs.
“In dark times will there also be singing?” Bertolt Brecht asks. “Yes,” he answers his own question, “there will also be singing, about the dark times.” (Klik voor bron)

Zie ook: Poets Choice, by Edward Hirsch

Garner Out in Iraq Shuffle

In an apparent acknowledgment that postwar reconstruction efforts in Iraq are floundering, the White House plans to name a politically astute career diplomat to replace Jay Garner as the civilian administrator of the country, sources said Thursday.
L. Paul Bremer, ambassador-at-large for counterterrorism in the Reagan administration, will report directly to the White House, sources said.
It was not immediately clear whether Garner, a retired Army lieutenant general who reports to the Pentagon, will stay on under Bremer. Garner was handpicked in January to oversee the reconstruction by Defense Secretary Donald Rumsfeld.
"The White House lost confidence in Garner's ability to supervise the transition to Iraqi democracy,” said a source close to the administration. While well-liked by the military brass, Garner "was not sophisticated enough to supervise the transition,” he said.
After being greeted as liberators by many Iraqis with the fall of Baghdad last month, U.S. troops increasingly are facing violent demonstrations in other parts of the country. Many Shia, who make up the majority of the country, have called for the removal of coalition forces from the country. (By Knut Royce, News Day 2-5-2003)

Paul Bremer is de tegenpool van Jay Garner. Garner is de goedbedoelende idealist die niet weet wat het verschil is tussen bezetting en bevrijding. Bremer daarentegen is een koele, berekenende machtsdenker die als expert op het gebied van terreurbestrijding in elke Irakese opstandeling een terrorist zal zien (dat is zijn taak als terreurbestrijder), zodat het voor de hand ligt dat hij via repressie en het vernietigen van opstandige Irakezen Irak terug gaat voeren naar de toestand van stabiliteit die Saddam Hussein met behulp van zijn politieapparaat allang verwezenlijkt had.
Het enige verschil tussen het optreden van Saddam Hussein en Bremer zal de morele kwalificatie zijn die aan het repressieve gedrag wordt toegekend. Alles wat Saddam deed werd slecht genoemd. Alles wat Bremer gaat doen (de democratisering van Irak heeft inmiddels al vele duizenden doden en gewonden gekost) zal goed worden genoemd.
De vraag is of Bremer de Irakezen, die weten dat Amerikaanse 'goedheid' betrekkelijk is in een regio waarin de terreur van Israel nooit zal worden veroordeeld, duidelijk zal kunnen maken dat hij als Amerikaan een vertegenwoordiger is van de vrijheid en de rechtvaardigheid en geen zetbaas van het Zionisme, zoals hen dat jarenlang door Saddam Hussein werd ingeprent.


Motahhari, Need of the Time

"Spirituality and humanism or religion and humanism are two inseparable matters. We cannot accept one of them and abandon the other . The contradiction which we claim to exist in various genuine humanistic schools lies in this point that when humanity suffered a downfall, however wrongly, namely through a change in the Ptolemaic astronomy, it should not make us doubt the exalted position of the human being as a goal in the course of creation. The human being is the goal of the universe whether the earth is the center of the universe or not. What does the phrase 'goal of the universe' mean? It means that nature moves in a certain direction in its evolutionary course whether we consider the human being a spontaneously created being or a continuation of other animal species. it makes no difference to this process whether we think it to possess a divine spirit or not." (Discourse of Murtaza Mutahhari)

Morteza Motahhari is geboren op 2 februari 1920 in Fariman (Iran). De Zon bevindt zich in het onconventionele humanistenteken Waterman, de Maan in het zorgzame moederteken Kreeft.

Waterman Friday (2-5) marked the 24th martyrdom anniversary of the learned scholar Ayatollah Morteza Motahhari.
Motahhari was not indifferent to the emerging questions and never rejected or blocked them. In his introduction to "The Divine Justice", he regards skepticism as the passage to confidence. He asserts that freedom of thought and expression has always been in the interest of Islam (See About the Islamic Revolution, p. 63). Meanwhile, he rejects deception of the people under the name of freedom (Ibid., p. 64) and holds that Islam views freedom and democracy as a means for developing mankind's humanity (Ibid., page 104).
We are in dire need of Martyr Motahhari's religious insight and brightness in addressing the intellectual problems of the society, his presence in the social life, his humbleness and inviting treatment of the youth, his sense of responsibility and his openness in responding to questions which at times tended to be aggressive, as well as his indefatigable endeavors to offer a rational and wise interpretation of the religion. (Teheran Times 2-5-2003)

Al het krankzinnige geweld in het Midden-Oosten mag ons niet afleiden van de centale gedachte van het humanisme, de idee dat de mens het doel van het universum is. We mogen daarom de Ayatollah's in Iran dankbaar zijn dat zij die gedachte benadrukken in een tijd waarin het ontmenselijkende, atomiserende materialisme grove vormen begint aan te nemen in het Westen.

Zie ook: Het Watermantijdperk

Een van de belangrijkste kenmerken van het New Age denken is het centraal stellen van het dierenriemteken Waterman, het teken van het op gelijkheidheid of gelijkwaardigheid gebaseerde humanisme. Dat humanisme is primair rationeel gericht. Waar het waterteken Vis zegt "Ik geloof" (de oude religies zijn Vis-religies), daar zegt het luchtteken Waterman "Ik weet" of 'Ik wil weten".
Tweeduizend jaar geleden hebben de Vis-religies (de gelovigen) de Waterman-religie (de wetenden of de gnostici) vernietigd. In een nieuwe tijd (zo stelt de New Age denker) zal het blinde geloof van de priester plaats moeten maken voor het stimulerende weten van de wijs geworden humanist.

Zie ook: De humanistische God van Mohammed

Does History Offer Us Any Lessons?

‘Alles geht, alles kommt zuruck; ewig rollt das Rad des Seins. Alles stirbt, alles bluht wieder auf, ewig lauft das Jahr des Seins. Alles stirbt, alles wird neu gefugt; ewig baut sich das gleiche Haus des Seins. Alles scheidet, alles grusst sich wieder; ewig bleibt sich treu der Ring des Seins. In jedem nu beginnt das Sein; um jedes Hier rollt sich die Kugel dort. Die Mitte is uberall. Krumm ist der Pfad der Ewigkeit.’ Friedrich Nietzsche

Memory is used in very different ways by two of the most prevalent views on history. These two views are the progressive view of history and the cyclical view of history.
The philosophy of progress views history as a continuous process of gradual refinement of the human being to the point where he becomes God-like over many thousands or millions of years. So human history in the progressive philosopher’s view is like an ever-ascending staircase leading human beings step by step over thousands or millions of years, gradually purging themselves of all weaknesses until they reach ultimate perfection.
The cyclical view of history regards it as a series of cycles of similar if not identical nature within a greater cycle of cosmic birth, growth and death.
Progressives deal with history very differently from cyclicists; for them, what is past is past and people can transform themselves like a butterfly from a caterpillar.
The cyclicists however know that people are, were and will always be fundamentally the same, no matter how many millennia pass. Their hopes and fears, envy and generosity, courage and cowardice, love and hate are the same century after century.
Therefore the study of history for them is important in order to define those general rules that govern human history over time and to derive wisdom from such observations.
Conversely, progressives see little value in the study of history except the hope to predict the next step up the evolutionary ladder. So this view is constantly looking forward and contemplating the future.
Those who believe in the cyclical nature of history, however, think that history repeats itself one way or another and that the cosmos is ultimately headed for extinction. They remember the past not to glorify it or to dwell upon it, but in order to try to learn from it how to deal with the current stage of their history.
They try, through the study of history, to derive the wisdom necessary to bring themselves into harmony with the cycle of the cosmos within which they believe true happiness resides.

Amr Mohammed Al-Faisal, Arab News 4-5-2003


Fatalisme & Uiterlijk vertoon

Bush als Strijder Wijsheid en fatalisme horen bij elkaar. De wijze mens weet dat de mens in een eeuwig heden leeft, waarin de wereld weinig meer is dan een schouwtoneel, waarvan het kenmerk is dat steeds dezelfde spelers de meest uiteenlopende rollen spelen binnen een entourage die met behulp van decorstukken een voortdurend wisselend aanzien wordt meegegeven.
We zijn acteurs en de tragiek van het leven is dat de meeste mensen zich dat niet realiseren, dat ze zo blind en afgestompt zijn dat ze zich gaan identificeren met een onnozel rolletje, dat van hen eist dat ze zich insmeren met schmink en zich beplakken met pruiken, snorren en baarden.
Iedereen die zichzelf binnen zo'n wereld serieus neemt moet als idioot worden omschreven, omdat je als acteur dient te weten dat achter het masker je eigen ware gezicht schuilgaat, dat onmiddellijk na het rollenspel weer tevoorschijn dient te worden gehaald, om te voorkomen dat je een karikatuur wordt van jezelf.
Mensen wijsheid bijbrengen is altijd de eerste taak geweest van de religieuze mens en zijn helpers: de schrijvers, de dichters en de acteurs.
Toneel had in het verleden een bevrijdende, religieuze functie. Toneel was een afbeelding van de wereld, liet zien dat de wereld waarin de acteurs rondliepen onze eigen wereld was, dus geen poppenkast, waar een stel onnozele, geestloze debielen op een quasi-intellectuele wijze zichzelf aan gaat zitten vergapen, teneinde na afloop met bekakte stem een hooggestemd oordeel te kunnen geven, over hoe Jan-Jaap op zo een overtuigende wijze de rol van Professor Frankenstein wist te vertolken en meer van dergelijke prietpraat, waar elk serieus mens, wanneer hij in de pauze een prijzig kopje koffie naar binnen probeert te werken van walgt, zodat hij het liefst het veel te dure aftreksel in de wauwelende smoelwerken van de zalvende theaterdominees zou willen werpen.
"Rot op! Doe je smoel eens dicht! Ga het toilet schoonboenen, vieze, grauwe kakelmuis..."

Maar goed, je bent wijs, je legt je er bij neer, de kletsers hebben de macht, eeuwige plaat voor de kop, wijsheid is verre te zoeken in hun wauwelwereld, en het podium is een waterloze schijnoase geworden in een woestijn waar nooit een plantje meer op zal bloeien. De kunst, kortom, is schijn geworden, een zinloos Fata Morgana, waar mensen zich zandhappend inbeelden dat ze paradijsbewoners zijn.
Kunst en utopie verdragen elkaar niet. Kunst is realisme. En juist omdat kunst realisme is, moet gesteld worden dat de kunst dood is. We leven in een onrealistische wereld, de wereld van het kapitalisme waarvan het hoofdkenmerk is dat het een filosofieloze wereld is, een wereld die geen geschiedenis kent en die daarom gericht is op een stompzinnig productieproces dat gebaseerd is op het voortdurend wegwerpen van het bestaande, teneinde het te kunnen vervangen door het nieuwe, ook wanneer dat nieuwe volstrekt overbodig is en alleen maar leidt tot vernietiging van een verleden dat een noodzakelijke rem op de vooruitgang behoort te zijn.
Fatalisme is remmen. Remmen is een bezigheid die hoort hij het autoritaire teken Steenbok, het Zwarte Teken dat zowel het anarchisme symboliseert als de geestelijke autoriteit of de priester.
Veel priesters realiseren zich niet dat zwart de kleur is van het anarchisme. Anarchisten zijn idolenvernietigers en daarom zijn ze de ware priesters van God. Hetgeen betekent dat de zich in zwarte kledij uitdossende geestelijken binnen de gevestigde religies de band met hun anarchistische verleden verloren hebben, zoals iedereen in het Westen geschiedenisloos door het leven huppelt, pratend zingend en lachend in een ver-idoliseerde wereld die alleen maar voort kan bestaan dankzij het feit dat men weg kan vluchten in een schijnwereld van geld en macht.
Wie geen geld en macht bezit crepeert. Daarom vluchten miljoenen mensen naar het Westen. Niet omdat ze de vrijheid zoeken, want wij zijn helemaal niet vrij, maar omdat ze niet willen creperen en misschien ook wel omdat ze zo dol zijn op geld en macht.
Belangrijk is dat alles niet. Iedereen wil graag een leefbaar bestaan leiden en mensen dat recht gunnen is de normaalste zaak van de wereld. Absurd echter is het feit dat de onzinverhalen die vluchtelingen veelal uitkramen zo serieus worden genomen. De meeste mensen liegen er op los, hetgeen begrijpelijk is wanneer je de vriend wilt worden van de rijkdom en de macht, dus waarom dat alles zo belangrijk maken?
Leugenaars zijn er genoeg in de wereld. Niemand die daar in het verleden ooit aandacht aan besteedde. Want in het verleden was wijsheid nog in tel en zelfs de meest wrede heersers in het Midden-Oosten aanbaden de wijsheid en verzamelden zoveel mogelijk wijze mannen om zich heen, om te voorkomen dat de wereld aan de waanzin van het leven van alledag kapot zou gaan.
Alledaagse waanzin lijkt mooi, maar blijkt volstrekt inhoudsloos te zijn wanneer het in zijn naakte vorm aan de wereld wordt gepresenteerd.
Bush als Strijder Het fraaiste voorbeeld van de naaktheid van de waanzin is het optreden van de Amerikaanse president George Bush, een man die geen intellectuele inhoud bezit en die daarom niet in staat is op een zelfstandige wijze de intellectuele rol te spelen die hij als president van het machtigste land ter wereld behoort te spelen.
Het resultaat stemt de wijze toeschouwer droef. De wijze mens ziet hoe een komediant van de reële wereld een schouwburgzaaltje maakt, waarin de decors en de met baarden beplakte mannen als echt worden ervaren, terwijl alle intelligente mensen weten dat het een illusie is, een bizarre klucht die alleen dan ongevaarlijk is wanneer je wilt inzien dat het een illusie is, waarachter een begrijpbare werkelijkheid schuilgaat.
Wijze mensen zijn fatalistische realisten. Ze relativeren. Ze weten dat alles herhaling is. En juist omdat ze zich bewust zijn van het cyclische proces dat het leven is richten ze zich op de werkelijkheid achter de maskerade: de wereld van de concrete, levende mens, die meer is dan het masker waarachter hij zich - veelal noodgedwongen - heeft verschuild…


'Nieuwe afgoden maken is niets voor mij, de oude moeten er maar eens achterkomen hoe ze er aan toe zijn met hun lemen botten. Afgoden omverwerpen - daarmee zijn we veel dichter bij mijn metier... '

Friedrich Nietzsche


An Orwellian purge
By Leila Christenbury

ONE OF the great classics of contemporary literature is George Orwell's 1984, a novel that is routinely taught in English classes in this country. Many readers are riveted by 1984 and by Mr. Orwell's terrifying vision of a totalitarian society, ruled by Big Brother and dominated by control of all citizens' reading material, actions and even thoughts.
Doublespeak - saying one thing and meaning another - dominates in 1984, and the government's three doublespeak mottoes are posted everywhere: "WAR IS PEACE," "FREEDOM IS SLAVERY," "IGNORANCE IS STRENGTH."

In 1984, the government controls all of its citizens in their daily activities and, ultimately, in their thoughts. Part of the work of Winston Smith, 1984's main character, is his job with the ironically named Ministry of Truth.
In the ministry's Records Department, Mr. Smith routinely either destroys or alters printed information so that whatever stand the government has taken or is taking is always consistent with all printed information. The government's head, Big Brother, is prone to making errors in his pronouncements, and official policy is ever changing. But in the Ministry of Truth, Mr. Smith cleans up the facts, altering and destroying "every kind of literature or documentation which might conceivably hold any political or ideological significance."
And when Mr. Smith can no longer stomach his job, he begins secret acts of rebellion that ultimately end in his arrest, torture and destruction. (Leila Christenbury, SunSpot.net 28-4-2003)

In een morele wereld die gebouwd is op leugens en onrecht bestaat het gevaar dat een heksenjacht ontstaat die zich richt tegen alles en iedereen die de waarheid en het recht willen en kunnen verdedigen. De machthebbers hebben gelogen en het recht terzijde geschoven, hetgeen betekent dat ze alleen dan zichzelf een aureool van onaantastbaar fatsoen kunnen opzetten wanneer ze alle informatie die aantoont dat ze bedriegers zijn vernietigen, vervalsen of onjuist laten interpeteren door principeloze lakeien. Dat is de reden waarom Leila Christenbury in haar artikel het belang benadrukt van George Orwell's boek "1984", een boek dat waarschuwt tegen alle vormen van totalitarisme (waarbij totalitarisme moet worden gezien als een poging de eigen waarheid tot algemene, absolute waarheid uit te roepen).


The British author George Orwell, pen name of Eric Arthur Blair, b. Motihari, India, June 25, 1903, d. London, Jan. 21, 1950, achieved prominence in the late 1940s as the author of two brilliant satires attacking totalitarianism. Familiarity with the novels, documentaries, essays, and criticism he wrote during the 1930s and later has since established him as one of the most important and influential voices of the century.
Orwell's two best-known books reflect his lifelong distrust of autocratic government, whether of the left or right: Animal Farm (1945), a modern beast-fable attacking Stalinism, and Nineteen Eighty-Four (1949), a dystopian novel setting forth his fears of an intrusively bureaucratized state of the future.

Zie ook: George Orwell 1984

Uri Avnery - The Evil Wall

For a fraction of a second, I was panic-stricken.
The terrible monster coming towards me was not more than five meters away and continued to move as if I weren't there. The giant bulldozer pushed a great heap of dirt and boulders before it. The driver, two meters above me, seemed a part of the machine. It was clear that nothing would stop him. I jumped aside at the last moment.
In the olive grove, a few meters from the tents that were set up by the villagers of Mas'ha, together with Israeli and international peace activists, three monsters were preparing the ground for the "Separation Wall". They raised clouds of dust and a deafening roar, so that we could hardly converse. They work every day, even on Passover, 12 hours a day, without a break. The whole Israeli public supports the Separation Wall. It has no idea what it is supporting. One has to come to the place in order to understand all the implications of the project.

The wall is not being built on the Green Line, nor in a straight line. On the contrary, it meanders like a river, twisting and turning, approaching the Green Line and receding from it. Not by accident. The bed of a river is dictated by nature. The water has to obey gravity. But the design of the wall has no connection with nature. The bulldozers are quite indifferent to nature, they cut through it remorselessly. What then determines this design?
Standing near it, the answer is clearly visible. The sole consideration that dictates its path is the settlements. The wall twists like a snake according to a simple principle: most of the settlements must remain on the western side of the wall, i.e. eventually to be absorbed into Israel.
Standing on a hill which will be crossed by the wall, I saw down below, on the western side, Elkana, a large settlement. On the eastern side, only a few dozen meters away, there is the Palestinian village of Mas'ha. The village itself stands on the eastern side, but almost all its lands lie on the western side. The wall will cut the village off from 98% of its lands - olive groves and fields that stretch up to the Green Line, some seven km away, near Kafr Kassem.
Indeed, the foul smell of "transfer" hovers over the wall...

This is not the whole picture. Sharon is now planning the "Eastern Wall" that will cut off the West Bank from the Jordan valley. When it is finished, the whole West Bank will become an island surrounded by Israeli territory, cut off on all sides. (Gush Shalom 4-5-2003)

The Security Fence
The fence that eats land
The fence at the heart of Palestine


Mitzna announces he is quitting

Labor Party Chairman Amram Mitzna announced his resignation Sunday evening as leader of the party, blaming senior party members for his decision to quit. Speaking at a hastily-arranged press conference, Mitzna launched into a stinging indictment of senior members of the party, who he said had worked incessantly to undermine him.
"I was elected by a huge majority, but unfortunately there were people in the present [Labor] leadership who did not internalize or respect this... They put their personal interests before the party."
While Mitzna did not mention names, his main opponent in both the party primary last November, and since, has been former party leader MK Benjamin Ben-Eliezer, who he ousted. The two have clashed repeatedly since the elections and Ben-Eliezer has used his clout within the party apparatus to repeatedly block decisions by Mitzna.
The Labor leader, who has served less than six months in the post, said he was prepared to fight for his dovish, pro-peace views, but that he was "less sure of my ability and desire to fight every morning anew for my legitimacy as Labor Party chairman." He accused senior party members of backstabbing, saying they had engaged in "fighting me rather than in the fight for peace." (Mazal Mualem, Ha'aretz 4-5-2003)

MAIMONIDES, of:
De dubbelzinnige boodschap van een Arabische jood

“It is proper to serve God, blessed be He, to ascribe to Him greatness, to make known His greatness, and to fulfill His commandments. We may not do this to any lesser being, whether it be one of the angels, the stars, the celestial spheres, the elements, or anything formed from them. For all these things have predetermined natures and have no authority or control over their actions. Rather, such authority and control is God's. Similarly, it is not proper to serve them as intermediaries in order that they should bring us closer to God. Rather, to God Himself we must direct out thoughts, and abandon anything else.
This fifth foundation is based in the prohibition against idolatry
about which much of the Torah deals. (Maimonides)

Maimonides zou je, gezien vanuit het gezichtspunt van de Arabische moslims, 'de ideale jood' kunnen noemen, een man die zowel jood is (vertegenwoordiger van het judaďsme) als Arabier (deel uitmakend van de Arabische cultuur), een man ook die net als de profeet Mohammed een Godsbegrip ontwikkelt dat, uitgaande van het eerste gebod dat afgodenverering verbiedt, alleen een persoonlijke verhouding van de individuele gelovige met God toestaat.
Vergeleken met Maimonides is de neo-Zionist Ariel Sharon, die van zichzelf een soort joodse superman wil maken, een sjofele collectivist, die tot weinig meer in staat is dan het belachelijk maken van alle individualistische denkers die het jodendom heeft gekend.
Maimonides is (wat zijn Godsbegrip betreft) de vleesgeworden ontkenning van het Zionisme. Hij probeert de Arabische cultuur niet te kleineren of belachelijk te maken, omdat hij deel uitmaakt van die Arabische cultuur en zich op geen enkele wijze in zijn doen en laten door die cultuur belemmerd of tegengewerkt voelt. Hij is Arabier, hij denkt in het Arabisch en hij schrijft in het Arabisch - en juist daarom is hij in staat de tegenstelling jodendom-Islam op te heffen, een tegenstelling die het Zionisme (vanwege zijn onwil Islam en Judaďsme als verwante religies te beschouwen) op een welhaast fascistische wijze probeert te verdiepen en te intensiveren.
Aiel Sharon is een neo-Zionist. De man is nooit religieus geweest (behoort in feite tot de atheďstische vleugel van het Zionisme), heeft zich ook nooit verdiept in religieuze zaken, en heeft de joden daarom weinig meer te vertellen dan de simplistische boodschap dat het als Zionist hun plicht is 'jood' te zijn.
Die sterke benadrukking van het begrip 'jood' is een vorm van afgodendienst. Sharon is niet religieus, heeft in feite God afgeschaft, en omdat het begrip jood alleen een zinvolle inhoud kan verkrijgen wanneer je dat begrip koppelt aan de geschiedenis (en die geschiedenis is God), daarom ontstaat er een situatie waarin een politiek leider van andere mensen eist dat ze een leeg inhoudsloos begrip, dat is losgekoppeld van de religie, een vergoddelijkte status moeten geven. Het begrip 'jood verwijst niet meer naar iets anders, iets hogers, iets dat de mens in contact brengt met de Hemel, nee, het verwijst naar zichzelf. Het loutere feit dat iemand' jood' is maakt hem belangrijk, hetgeen natuurlijk een volstrekt absurde daad van Goddeloze ketterij genoemd moet worden, een totale radicale ontkenning van alles waar de Mozaďsche Wet ooit voor stond.
Judaisme is religie. Judaďsme gaat over zoekende mensen die een plek in het leven zoeken waar zij de verloren band met het Goddelijke kunnen herstellen.
Twee begrippen zijn daarbij belangrijk: 1) de pijnlijke bewustwording van eenzaamheid, verlatenheid en ballingschap, je eenzaam en alleen voelen in een wereld die als vreemd en vijandig wordt ervaren, en 2) de mogelijkheid een plek te vinden waar de eenzaamheid zal worden opgeheven, een plaats waar de mens in direct contact kan treden met het goddelijke.
Zionisten hebben die grondproblematiek van de religieuze mens (die in alle religies terug te vinden is, omdat elke religie in diepste wezen mystiek is, een poging van de mens in direct contact te treden met verloren goddelijkheid) teruggebracht tot de wat banale tegenstelling joden versus niet-joden, waarbij de niet-joodse wereld als goddeloos wordt gezien, zodat elke jood verplicht is te verhuizen naar de staat Israël, waar hij in staat is 'goddelijk’ te zijn. Israël is binnen die primitieve visie de staat van God.
Het is een uiterst banale, primitieve vertaling van de zijnsproblematiek van de mens zoals die door alle mystieke denkers in de wereld werd en wordt beschreven en als intelligent mens blijf je jezelf daarom verbazen over de onwil van geestelijke leiders deze primitieve politieke leer, die niet alleen het mystieke denken maar ook het gezonde verstand belachelijk maakt, te veroordelen.

“Moshe (Moses) is the father of all the prophets, both those that preceded him and those who arose after him; all of them were below his level. He was the chosen one from all of Mankind, for he attained a greater knowledge of the Blessed One, more than any other man ever attained or ever will attain. For he, may he rest in peace, rose up from the level of man to the level of the angels and gained the exalted status of an angel. There did not remain any screen that he did not tear and penetrate; nothing physical held him back. He was devoid of any flaw, big or small. His powers of imagination, the senses, and the perceptions were nullified; the power of desire was separated from him leaving him with pure intellect.” (Maimonides)

Mozes is volgens Maimonides een verlicht mens, in die zin dat hij in staat is zich los te maken van de dierlijke, agressieve, oorlogszuchtige impulsen die elk mens kent, zodat het hem lukt 'puur, zuiver intellect' te worden , een toestand die volgens Maimonides Mozes in staat stelde in direct contact te treden met God.
Opvallend is de sterke benadrukking van het individualisme, dat onlosmakelijk behoort bij de wereld van de religieuze mystiek, waar het aan Mozes gekoppelde Godsbegrip van Maimonides in feite naar verwijst.
Ariel Sharon (de jood zonder God) is een collectivist die via de benadrukking van het begrip 'jood' de individuele mens ontgoddelijkt en hem tot de slaaf maakt van een afgod, zijn ‘jood-zijn’, terwijl Maimonides de individualiteit van de mysticus benadrukt met zijn vetwijzing naar Mozes die als intellectueel (denk aan het begrip gnosis=weten dat de gnostici hanteren) een persoonlijke band met God tot stand heeft weten te brengen, een toestand van mystieke verlichting dus, die hem bevrijdt van de angst die de gemiddelde mens heeft voor het onbekende of het mysterie: "Moshe did not tremble from the word even though it was face to face. This was due to his total attachment to the intellect..."

Het grote probleem echter waar Maimonides als bewonderaar van de individualist Mozes zich voor geplaatst ziet is de wijze waarop de gelovige mens moet omgaan met de Schrift. Hoewel hij Mozes etaleert als de ‘zuiver intellect’ geworden persoonlijkheid, die een persoonlijke band met God kan onderhouden, zonder tussenkomst van andere instanties, personen en zaken, daar eist hij van de gelovigen dat zij de Torah beschouwen als een geschrift dat Goddelijke eigenschappen bezit. Met andere woorden: Via de heiligverklaring van de Schrift blijft de mysticus Mozes een eenzaam Idool in een wereld waarin de gelovige mens alleen via tussenkomst van de Schrift en de hoeder van die geschriften (de priester) het Goddelijke kan benaderen:

The Ninth Foundation is the transcription, meaning that this Torah, and no other, was transcribed from the Creator and we may not add to it or remove from it, not in the Written Torah or in the Oral Torah, as it says, "...you shall not add to it, nor diminish from it" (Devarim [Deuteronomy] 13:1). We have already fully clarified this foundation in the introduction to this work [the Commentary on the Mishnah].

De heiligverklaring van de Schrift wordt niet gezien als een vorm van idolatrie en daarom wordt iedere intellectueel die weigert de teksten letterlijk te nemen gezien als een ketter die weigert het Goddelijke gezag van de Schrift - d.i. de leider, de dictator, de valse, anti-intellectuele autoriteit - te accepteren.
Mozes en de Schrift zijn - zo moet je concluderen tegenpolen. Mozes was de verlichte geest (het zuivere intellect) die zonder tussenkomst van anderen (de Schrift bestond nog niet) in contact trad met God. De aan de Schrift gebonden mens zal Mozes nooit na kunnen volgen, omdat hij gedwongen wordt het idool te aanbidden: de God geworden Schrift, die als een wrede anti-intellectuele dictator het vrije denken van de enkeling probeert te vernietigen.
Die dubbelzinnigheid beheerst heel het denken in het Midden-Oosten. Ook het moslimdenken (dat in feite een kopie is van de opvattingen van Maimonides) wordt beheerst door de tegenstelling: 'idolenvernieting' en 'idolenaanbidding'.
De hoofdwet van de religie is de plicht idolen te vernietigen, maar omdat idolenvernietiging kiezen is voor het vrije, wetende individu (liberalisering dus), weigert men de uiterste consequentie uit dat voorschrift te trekken en maakt men de hoofdwet onderschikt aan de verplichting de Schrift als 'het woord van God' te beschouwen, zodat de verlossing van de individuele mens in feite onmogelijk wordt gemaakt en gezien wordt als ketterij, dezelfde ketterij die Jezus van Nazareth aan het kruis deed belanden.

Jezus was in feite Mozes. Jezus was de intellect geworden mysticus die zonder tussenkomst van de Schrift en de schriftgeleerden in contact wilde treden met God. Hij was de eenling die zonder de autoriteit van de aan het collectivisme gebonden priester zijn eigen leven wilde leiden, een individualist tussen collectivisten, een mysticus temidden van religieuze vormaanbidders die het Mozaďsche ideaal - zuiver intellect worden - alleen maar kunnen waarderen wanneer het wordt gedegradeerd tot een ver, onbereikbaar ideaal..: het door de mysticus Mozes afgewezen idool...


Moses ben Maimun (Arabic, Abu Amran Musa), Jewish commentator and philosopher, was born of Spanish Jewish parents at Cordova in 1135. After sojourning with his parents in Spain, Palestine, and Northern Africa, he settled down at Old Cairo, Egypt, in 1165. There he received the office of court physician, and at the same time, as head of the Jewish communities in Egypt, devoted himself to the exposition of the Talmud. He died at Cairo, 13 December, 1204, and was buried at Tiberias in Palestine.
de Zionistische muur Maimonides was a Jewish Scholastic. Educated more by reading the works of the Arabian philosophers than by personal contact with Arabian teachers, he acquired through the abundant philosophical literature in the Arabic language an intimate acquaintance with the doctrines of Aristotle, and strove earnestly to reconcile the philosophy of the Stagirite with the teachings of the Bible. The principle which inspired all his philosophical activity was identical with the fundamental tenet of Scholasticism: there can be no contradiction between the truths which God has revealed and the findings of the human mind in science and philosophy. (Catholic Encyclopedia)


Jabotinsky & Het Koninklijke Individu

An individual - this is the supreme concept, the highest value, that which was created “in the image of G-d”. The doctrine of communo-fascism states that man is part of state societal mechanism. Our tradition has it that in the beginning, G-d created the individual. Man is intended to be free. Democracy’s meaning is freedom and the goal of democracy is to insure the influence of the minority." [Jabotinsky, V., Introduction to the Theory of Economy - Part Two, 1934, in Nation and Society (Hebrew), p. 218-219]

“In the beginning, G-d created the individual. Every individual is a king equal to his fellow. It is preferable that the individual sin against the society than the society sin against the individual. Society was created for the good for individuals, not the opposite. The messianic vision is one of a paradise for the individual, a glorious anarchic kingdom, a contest between personal abilities ‘society’ has no rule but to help those who have fallen...” [Jabotinsky, V. in "My Story," 1936 in Autobiography (Hebrew), p. 38] (Bron: Save Israel)

Ariel Sharon is een groot bewonderaar van Vladimir Jabotinsky. Die eigenschap maakt het moeilijk een oordeel over hem te vellen, omdat Jabotinsky een schizofrene denker was, die weigerde in te zien dat het onmogelijk is twee aan elkaar tegengestelde ideeënleren met elkaar te verzoenen.
Jabotinsky is de schrijver van een pamflet (De IJzeren Muur) dat ronduit fascistisch en moraalloos genoemd mag worden, waar het pleit voor het koloniseren van een land dat toebehoort aan een ander volk. Alle middelen om het doel te verwezenlijken zijn daarbij geoorloofd. God of gebod bestaan niet. Wanneer er verzet wordt gepleegd is het de taak van de bezettende macht net zo lang harde slagen en klappen uit te delen tot de opstandeling murw geslagen is en akkoord gaat met een deal die in alle opzichten nadelig voor hem is en ook moet zijn, omdat het Zionisme als rechteloos machtssysteem alleen maar kan overleven in een wereld waarin de tegenstander volledig verslagen is.
Aan de andere kant is Jabotinsky ook een liberaal, die zich een felle tegenstander noemt van communistische en fascistische ideologieën die het collectief boven het vrije individu plaatsen. God, stelt hij, heeft de mens als individu geschapen. Het is Gods bedoeling dat de mens vrij zal zijn.
Waar die schizofrenie toe leidt zien we in het huidige Israël, waar rechts Israël als collectivistische staatsmacht (de staat is het leger en het leger is de opheffing van de gewetensvolle individualiteit) het vrijheidsverlangen van de Palestijnen onderdrukt.
Wie logisch nadenkt en niet de uitspraken van de militant Jabotinsky maar die van de liberaal Jaobotinsky als uitgangspunt neemt, die kan alleen maar de volgende stelling poneren: “God heeft de mens als vrij individu geschapen. De Palestijn is ook een mens. Ergo: het is de plicht van een liberaal de Palestijnen als gelijken op te nemen in een staat die zich ten doel stelt in alle bewoners vrij geschapen individuen te zien.
Het criterium dat moet bepalen wie goed en wie slecht is zou in dat geval bepaald worden door de mate waarin de bewoners van de staat Palestina of Israël (wat maakt de naam uit in een liberale, vrijheidslievende wereld?) eerbied hebben voor de rechten van de individuele mens.
Ariel Sharon hanteert dat waarheidscriterium helemaal niet. Wanneer hij zich met een boodschap tot de Amerikaanse vrienden van de Likoedpartij wendt, dan doet hij weinig meer dan het benadrukken van het belang dat moet worden toegekend aan de joodse identiteit.
"Overal waar ik kom", zegt hij. "stel ik mezelf voor als jood. Ik leg uit dat ik als jood een bewoner ben van een joodse staat en dat ik alles zal doen om het joodse bewustzijn te versterken."
Wat Jabotinksy van die collectivistische opstelling zou zeggen weet niemand. Jabotinsky was schizofreen. Hij wilde als anarcho-liberaal een exclusief joodse staat opbouwen, terwijl iedere liberaal weet dat liberalisme alleen maar optimaal kan functioneren in een wereld waarin geen enkele groep de staatsmacht op een absolutistische wijze naar zichzelf toetrekt, omdat een liberale staat primair een staat van vrije enkelingen wil zijn en niet een staat waarin de vrije geest door welk collectief dan ook wordt doodgedrukt.
Wanneer Ariel Sharon als liberaal de anarchist Jabotinksy serieus zou nemen dan zou hij zichzelf aan anderen presenteren als een liberale vrijdenker, omdat mensen die door God als vrij individu geschapen zijn nu eenmaal geen slaaf van het collectivisme kunnen zijn - ook niet wanneer dat collectivisme zichzelf ‘Zionisme’ noemt..
Jabotinsky heeft zich nooit gerealiseerd dat hij als Zionist de vijand was van de vrije gedachte. Waar de liberaal alleen diegenen aanvalt die het vrije denken bedreigen, daar ziet de collectivist in iedereen, ook in een anarchist en een vrijdenker, een gevaar die zijn collectivistische waansysteem bedreigt.
Ariel Sharon verkondigt momenteel de gedachte dat 'het beest van het antisemitisme' is losgebroken, een ronduit onzinnige gedachte omdat de kritiek van de zogenoemde 'antisemieten; zich vooral richt tegen de onwil van Zionisten liberaal te zijn - de onwil dus vrijheidsrechten toe te kennen aan andere individuen, die ook vrij geschapen enkelingen zijn.
Een liberale staat is trots op de aanwezigheid in het land van grote, liberale, vrijzinnige persoonlijkheden: schrijvers, denkers en filosofen, maar natuurlijk ook doodgewone burgers die bereid zijn het asociale, vervreemding oproepende masker van het collectivisme af te zetten.
Een Islamitische hoofddoekencultuur kan een uiting zijn van vrijheid waar er sprake is van veelkleurigheid, maar ze wordt gevaarlijk, wanneer de enkeling die een barokke muts op wil zetten, die zijn eigenheid uitdrukt, gedemoniseerd wordt. In dat geval is er sprake van de vernietiging van het liberalisme door het collectivisme, hetgeen in een vrije wereld, waarin God de mens als vrije enkeling geschapen heeft een doodzonde is.
In een wereld waarin God de mens als uniek wezen geschapen heeft bezit een mens het recht ‘nee’ te zeggen tegen elke poging hem in te lijven in de gelijkschakelende wereld van het collectivisme.
Jezelf 'jood' noemen en van andere mensen eisen dat ze hetzelfde doen kan derhalve niet gezien worden als het dienen van de zaak van het liberalisme. Liberalen willen in anderen - wie of wat ze ook zijn - in de eerste plaats vrij geschapen enkelingen zien. (Bevrijdingsdag: 5-5-2003)


"I am first of all a Jew, and to me, being Jewish is the most important thing. In all my diplomatic meetings around the world, previously as a Minister and currently as the Prime Minister, I begin with the words: "I am a Jew, I come from the state of the Jewish people, the city of Jerusalem - the capital of the Jewish people for over 3,000 years and the united and undivided capital of the State of Israel forever". And it is as a Jew that I am addressing you today." Ariel Sharon, Speech to The Board of Governors of the Jewish Agency 2003)

"The messianic vision is one of a paradise for the individual, a glorious anarchic kingdom." Vladimir Jabotinsky


Jeruzalem: Idool der Idolen

"The central and most important goal of the new Government will be mass immigration to Israel. Aliyah is the lifeblood of Zionism. It is the engine which drives the economy. We must open up new horizons in this field, and can achieve this objective.
We will work towards strengthening the pioneering endeavor of settling the entire country. Jerusalem, the united and undivided capital of Israel will remain a focus, and we will work to expand the city, develop it, and emphasize its centrality in the lives of all Jews, both in Israel and in the Diaspora.
I reiterate the vow I made in my last swearing-in, the vow made by every Israeli Prime Minister when sworn in, including the late Prime Minister Yitzhak Rabin, he of blessed memory. The vow is as follows:

"If I forget thee, Oh Jerusalem, let my right hand forget its skill, let my tongue adhere to my palate, if I fail to recall you, if I fail to elevate Jerusalem above my foremost joy." (Ariel Sharon, Address to the Knesset 27-2-2003)

Niet-religieuze mensen duidelijk maken dat het vernietigen van idolen de eerste taak en opdracht is die religieuze profeten de mensheid gegeven hebben wordt moeilijk wanneer miljoenen mensen wordt opgedragen afstand te doen van hun geestelijke onafhankelijkheid terwille van de anti-religieuze idolisering van een aantal huizen en straten die zich in geen enkel opzicht onderscheiden van andere huizen en straten in de wereld.
Wie streeft naar een anarchistisch koninkrijk zal moeten leren inzien dat binnen zo'n koninkrijk nooit plaats ingeruimd zal kunnen worden voor mensen die op een blinde wijze zaken heilig gaan verklaren waaraan op geen enkele rationele wijze enig sociaal en maatschappelijk belang kan worden toegekend.
Je kunt het bestaan van een Vorstenhuis rationeel verdedigen. Een Koning kan gezien worden als een religieus symbool van eenheid en hij kan via het verrichten van allerlei symbolische handelingen, die inspelen op eeuwenlang bestaande psychische processen in mensen (hetgeen de essentie is van religieuze symboliek), een positieve invloed uitoefenen.
Maar een stad, een verzameling huizen en straten, met hier en daar een kerk en een tempel en een synagoge...? Kan een rationeel denkend mens daar enige positieve invloeden aan verbinden?
Een stad aanbidden is net zoiets als een totempaal in een veldje neerzetten waaromheen je een aantal met verf volgesmeerde, agressieve kreten slakende wildemannen laat ronddansen. Want meer is het niet. Het is een terugval in massahysterie - een psychisch gebeuren waaraan psychologen en antropologen de term 'totemisme' toekennen, en je kunt een dergelijke primitieve gedragsvorm als modern, verlicht mens, een verstandige anarcho-liberaal die het liefst in een anarchistisch koninkrijk wil wonen, daarom moeilijk serieus nemen.


Totem: an object, usually an animal or plant (or all animals or plants of that species), that is revered by members of a particular social group because of a mystical or ritual relationship that exists with that group. The totem—or rather, the spirit it embodies—represents the bond of unity within a tribe, a clan, or some similar group. Generally, the members of the group believe that they are descended from a totem ancestor, or that they and the totem are “brothers.” The totem may be regarded as a group symbol and as a protector of the members of the group. In some cultures males have one totem and females another, but, generally speaking, totemism is associated with clans or blood relatives. (Columbia Enc.)

Totemism constitutes the group of superstitions and customs of which the totem is the centre. It is defined as the intimate relation supposed to exist between an individual or a group of individuals and a class of natural objects, i. e. the totem, by which the former regard the latter as identified with them in a mystical manner and in a peculiar sense their own belongings, so that they bear the name of the totem and show this belief in certain customs. (Catholic Enc.)

Totemisme is een combinatie van sociale en religieuze gebruiken. Totems waren tegelijkertijd symbolen van de groep, en haar afgod. Zo’n god was de verpersoonlijking van de stam. Totemisme was slechts een fase in het streven om van religie, die overigens persoonlijk is, een gemeenschappelijk goed te maken. De totem ontwikkelde zich ten slotte tot de vlag, of het nationaal symbool, van de verschillende moderne volken.


religieuze symboliek Totemisme wordt door alle deskundigen gezien als een collectivistische vorm van anti-rationele religiositeit, die voorafging aan intelligente, op de ratio gebouwde religies die de dierlijke mechanismen van het collectivisme wilden doorbreken via de benadrukking van het belang van de gewetensvolle enkeling.
Echte religie, met andere woorden richt zich tot het intelligente individu, stelt dan ook het vragende en naar weten strevende IK centraal, terwijl het totemisme inspeelt op collectieve verdringingsprocessen, de wil alle moeilijke vragen te vergeten via de collectieve overgave aan een geestdodend idool.
Totemisme is een vorm van afgodenverering (idolatrie), die gekenmerkt wordt door het ontbreken van IK-besef en het verlangen op te gaan in een collectieve zinsbegoocheling, waarvan de totem het symbool is.
Een religieus idool, zoals het kruisbeeld of een Maria-portret, is geen totem, omdat religieuze idolen de enkeling niet ontkennen en verwijzen naar bepaalde waarden of principes. Je kunt ze daarom symbolen noemen (idolen die een rationele functie hebben in een maatschappij).
Essentieel voor totemisme is de wil om te vergeten, de ontkenning van elk IK-besef en het verlangen een IK-loos collectief te zijn.

Zie ook: De Drie Wijzen uit het Oosten

Irak: een momentopname...

"Nearly a month after Baghdad fell to U.S. forces, the reconstruction effort is struggling to gain visibility and credibility, crime is a continuing problem, Iraqis desperate for jobs and security are becoming angry and the transition to democracy promised by President Bush seems rife with risk.
The continuing disorder in a country accustomed to the repressive but absolute stability provided by Saddam Hussein is fueling at least a deep skepticism about U.S. intentions and at worst a dangerous anti-Americanism. As competing religious, tribal and territorial political forces move to fill the void, they threaten to divide the country rather than unite it.
Interviews with political analysts, exile figures and ordinary Iraqis throughout the country, coupled with developments on the ground, indicate that the United States' power to control Iraq and shape its future is increasingly threatened by the pervasive uncertainty.
On many fronts, U.S. officials appear to have been unprepared for what awaited them in Iraq, from mundane concerns such as how to cope with the lack of telephones to philosophical questions such as how to respond to the desire of many Iraqis for an Islamic state." (MotherJones.com 6-5-2003)


George Galloway suspended by Labour Party

George Galloway has been suspended from the Labour Party, its general secretary David Triesman announced today. Mr Triesman said the suspension, effective immediately, would remain in place "pending internal party investigations".
Mr Galloway immediately hit back at the suspension, saying it was prejudicial to his libel action against the Daily Telegraph over allegations that he took money from Saddam Hussein's regime. "It is completely unjust," he said.
The Labour Party made clear that Mr Galloway was not suspended over the Telegraph allegations, but comments he made during the Iraq war.
Mr Galloway learnt of his suspension in a letter from Mr Triesman today. The letter told him he was "suspended from holding office or representing the Party pending the outcome of internal Party investigations. This suspension is effective forthwith". (Jane Merrick, Independent.co.uk 6-5-2003)

Zie ook: Verdeel, Heers en Lieg